Terug naar overzicht

“Keuzegids zet Hogeschool ’s-Hertogenbosch aan de top”

‘Dat gaat naar de top toe’, luidt het motto waarmee de Hogeschool ’s-Hertogenbosch de laatste jaren nieuwe studenten werft. Doorgaans kun je dergelijke slogans maar beter met een korreltje zout nemen, maar de Hogeschool ’s-Hertogenbosch heeft de belofte nu eens helemaal waargemaakt. In de Keuzegids Hoger Onderwijs 2002-2003, die vandaag verschijnt, staat de Bossche hogeschool als vijfde geklasseerd op de ranglijst van alle hogescholen, en als eerste van de hogescholen met een breed aanbod.
Vorig jaar was de Hogeschool ’s-Hertogenbosch de tiende van alle hogescholen en de tweede van brede hogescholen. Dat was al een forse sprong, vanaf de twintigste plaats midden in het peloton in 2000.
De score op de ranglijst komt tot stand via het gemiddelde van de waarderingscijfers van alle opleidingen die de Keuzegids in de afgelopen twee jaar op de betreffende hogeschool heeft onderzocht. In Den Bosch waren dat er elf, waarvan zes in 2002. En hoewel geen van de onderzochte Bossche opleidingen de beste van haar eigen soort was, scoren ze bij elkaar opgeteld wel het beste van alle brede hogescholen.

Net als vorig jaar hebben bijna alle nieuw onderzochte opleidingen van de Hogeschool ‘s-Hertogenbosch zich verbeterd. International Business & Languages (IBL) in Den Bosch was bij de vorige meting in 1999 nog elfde van veertien onderzochte IBL-opleidingen, nu zevende. Technische Bedrijfskunde eindigde in 1999 als elfde van vijftien, nu als vierde van veertien. Commerciële Economie (CE): in 1999 twaalfde, nu zevende van de tweeëntwintig onderzochte CE-opleidingen. Maatschappelijk Werk & Dienstverlening (MWD) werd in 1998 voor het laatst onderzocht in één peiling met Culturele & Maatschappelijke Vorming (CMV). Toen werden de Bossche opleidingen als vijfde geklasseerd. Vorig jaar verbeterde CMV dat resultaat al door zich als vierde te plaatsen. En dit jaar verbeteren de Bossche MWD’ers hun positie door naar de derde plaats op te schuiven. De Bossche opleiding Werktuigbouwkunde eindigde bij het vorige onderzoek in 1998 nog als achttiende van de twintig; vier jaar later neemt de opleiding overtuigend revanche door als derde te eindigen.
Alleen bij de opleiding Management, Economie & Recht valt een lichte achteruitgang ten opzichte van de vorige meting te noteren. In 2000 was de Hogeschool ‘s-Hertogenbosch op dat onderdeel nog derde van de achttien, nu vierde (ex aequo) van de negentien. Maar ook dat is hoe dan ook geen slecht resultaat, zeker niet omdat het waarderingscijfer nog iets opliep van 6,86 in 2000 tot 6,88 nu.

De Raad van Bestuur reageert blij verrast op het resultaat. Anneke Nijenhuis en Frans van Kalmthout herinneren zich allebei dat het ooit anders was: ‘In 1995 zeiden we nog tegen elkaar: die Hogeschool ‘s-Hertogenbosch staat totaal niet op de kaart. We vonden dat ‘ie geen statuur had, en er nogal bleekjes uitzag.’
Toch zijn de twee bestuurders niet helemaal verbaasd. Ze wijzen op het project Kwaliteit en Studeerbaarheid (K&S), halverwege de jaren negentig door het ministerie ingezet. Van Kalmthout: ‘De Hogeschool ‘s-Hertogenbosch heeft dat toen serieus opgepakt en tot nu toe stug volgehouden. Aanvankelijk werd het project vooral gedreven door subsidie, maar langzaamaan is het iets van de hogeschool zelf geworden.’ Van Kalmthout benadrukt dat niet alleen het onderwijs, maar ook de voorzieningen en de sfeer in de hogeschool goed moeten zijn om een goed resultaat te boeken.
Beiden wijzen daarnaast op de nog net niet te grote schaal van de Hogeschool ‘s-Hertogenbosch, en op de concentratie van activiteiten in één gebouw. Het houdt de lijnen kort, en je kunt er makkelijker een ‘hogeschoolgevoel’ krijgen.
Maar zonder goed onderwijs red je het daar niet mee, benadrukt Nijenhuis, portefeuillehoudster ‘onderwijs’ in de Raad van Bestuur. Het volhardend werken aan de onderwijskwaliteit is volgens haar de andere

Meer lezen?