Terug naar overzicht

Fontys en Open Universiteit morrelen aan scheiding wo-hbo

Fontys en de Open Universiteit hebben de aanval geopend op de scheiding tussen universiteiten en hogescholen. De Fontys-hogescholen gaan samen met de OU masteropleidingen ontwikkelen, die een wetenschappelijke titel opleveren.

Fontys en de OU bieden al samen doctoraalprogramma’s aan. De invoering van de universitaire masters is dus een logisch gevolg van de komst van het bamastelsel. Maar volgens Fontys-bestuursadviseur Cees Ladage omhelst het meer dan het verhangen van de bordjes. ‘Bama levert een uniek herijkmoment, waardoor de doctoraalprogramma’s in een nieuwe context geplaatst worden.’ Wat de verschillen precies zullen zijn kan Fontys nu nog niet duidelijk maken. Voor de nieuwe wo-masters wordt officiële goedkeuring (accreditatie) aangevraagd bij de NVAO. De eerste moeten volgend jaar van start gaan.

Concreet betekent het dat OU-docenten, die doorgaans een virtueel leven leiden, fysiek voor de studenten in de Fontysgebouwen verschijnen. Maar is het onderwijs daarmee ook van een wetenschappelijk niveau? ‘We moeten dat binaire hbo-wo systeem ontstijgen. Dat is een relict in Europa, een rariteit. Het onderscheid tussen wetenschappelijk en toegepast onderzoek is vaak academisch. Universiteiten doen toch ook veel maatschappelijk relevant, dus toegepast onderzoek?’, relativeert Ladage het onderscheid tussen hbo en wo. ‘We moeten breder, integraler denken.’

De Hogeschool van Amsterdam denkt daar anders over. Die werkt samen met de Universiteit van Amsterdam in het via gestroomlijnde trajecten doorsluizen van hbo-studenten naar wo-masters. ‘Wij willen het onderscheid tussen wetenschappelijk en toegepast onderzoek eerder aanscherpen dan verdoezelen’, zegt Marcelle Peeters, hoofd kwaliteit en accreditatie van de HvA. ‘Als hbo moeten we ervoor uitkijken zelf wetenschappelijk onderzoek te willen doen.’ (OvB/HOP)

Meer lezen?