Terug naar overzicht

Verplicht studie in buitenland voor ‘internationale’ student

Het is nu nog vrijwillig, maar vanaf 2005 moeten studenten International Business & Languages (IBL) van de Hogeschool ‘s-Hertogenbosch verplicht een half jaar doorbrengen aan een opleiding in het buitenland.
Op die manier krijgen ze meteen een goed beeld van een andere cultuur en gaan de ‘ogen en oren’ open, zegt IBL-docente Ingrid van Kempen. ‘Bovendien wordt het stramien van school doorbroken.’

Een IBL-student die in Nederland wil blijven bestaat niet, want een cultuur leren kennen kan alleen ter plekke, meent Van Kempen. Bovendien moet de student ook reflecteren op cultuurverschillen. ‘Ze moeten niet alleen constateren dat er verschillen zijn, maar er ook mee leren omgaan.’
Voorheen was de buitenlandse studie niet alleen optioneel, de student kon er zelfs voor kiezen in plaats van een stage. Inmiddels staat de stage – een onderdeel van de opleiding die nu al verplicht in het buitenland moet worden doorgebracht – los van zo’n studie.
Toch kiest zo’n 40 procent van de studenten voor een buitenlandse studie in het tweede jaar. Zij bleken later beduidend minder moeite te hebben met het benaderen van een buitenlands bedrijf voor een stageplek – die ze zelf moeten verwerven – dan studenten die niet in het buitenland hadden vertoefd, zegt Van Kempen. ‘Ze hebben de fase van acculturatie al gehad. Het succes van de stage is dan groter.’

Groot voordeel van de buitenlandse studie is dat praktisch alles door de opleiding wordt geregeld, in tegenstelling tot de stage. De opleiding heeft contacten in Frankrijk, Duitsland, Zweden, Finland en sinds kort Ierland. Bovendien verkeren studenten in een veilige herkenbare studentenomgeving, met leeftijdgenoten, soms zelfs studiegenoten. Ze kunnen namelijk met een groepje gaan, ‘maar nooit meer dan vijf studenten’, en ze krijgen zelfs een beurs.
Maar niet alles wordt voorgekauwd, geeft Van Kempen aan. Zo moeten de studenten in de meeste gevallen zelf huisvesting regelen – hoewel ook dat wel eens door de ontvangende onderwijsinstelling wordt gedaan – en zelf de bureaucratische rompslomp doorworstelen om huursubsidie te regelen. ‘Vroeger hebben we de stappen opgeschreven, maar dat doen we niet meer’, zegt Van Kempen resoluut. ‘We zeggen dat de mogelijkheid bestaat en de student moet zelf ondervinden wat hij ervoor moet doen.’

Hoewel een groot deel van de studenten nu al de sprong waagt, heeft 60 procent van de studenten, ondanks de gebaande paden, geen oren naar een buitenlands studie-avontuur. Vanwege bijbaan, ‘die is heilig’, vriendje of gewoon omdat ze niet durven. Diezelfde problemen kunnen toekomstige studenten ook hebben.
Al roepen scholieren nu tijdens voorlichtingsdagen dat ze geen probleem hebben met een verplichte buitenlandse studie, in de praktijk kan alles anders uitvallen. ‘Het is spannend, ook voor ons’, geeft Van Kempen toe. ‘Wij kunnen allemaal zeggen dat een studie in het buitenland fantastisch is, maar het is anders dan thuis. Uiteindelijk moeten de studenten zelf op de trein stappen.’ (MvH)

Meer lezen?