Terug naar overzicht

Nijs: alleen topopleidingen mogen aan de poort selecteren

Alleen opleidingen die hun studenten iets extra’s te bieden hebben, mogen aan de poort studenten selecteren. ‘Gewone’ opleidingen die het selectiemiddel willen inzetten om zwakke studenten te weren, krijgen daarvoor definitief geen toestemming. Staatssecretaris Nijs stuurt hierover deze week een brief naar de Tweede Kamer.
Universiteiten en hogescholen die hadden gehoopt het studierendement van hun opleidingen te kunnen verhogen door alleen betere studenten toe te laten, moeten terug in hun hok.
De staatssecretaris maakt een einde aan alle onduidelijkheid: alleen erkende topopleidingen mogen experimenteren met selectie aan de poort. In de loop van de discussie die de afgelopen maanden gevoerd is, bleek dat de pleitbezorgers van selectie aan de poort zeer verschillende doelen voor ogen hebben.
De inzet van de staatssecretaris was aanvankelijk helder: het Nederlandse hoger onderwijs moest ruimte krijgen om topopleidingen te beginnen die ter dekking van de hogere kosten meer collegegeld konden heffen en bovendien naar eigen inzicht studenten mochten selecteren. Al in het regeerakkoord, en later in het concept-Hoger Onderwijs- en Onderzoeksplan (HOOP), stond te lezen dat opleidingen met een evidente erkende meerwaarde zouden mogen experimenteren met selectie aan de poort.
De discussie vertroebelde toen een gelegenheidscoalitie van PvdA, VVD en LPF het beleidsvoornemen van de staatssecretaris steunde en zelfs een stap verder ging. De drie fracties vonden experimenten met selectie aan de poort niet nodig en stelden bovendien geen aanvullende eisen aan de kwaliteit van de opleidingen. Kortom: alle opleidingen mochten wat hen betreft selecteren aan de poort. De enige keiharde voorwaarde van de PvdA was en is dat het studiefinancieringsstelsel zodanig wordt aangepast dat ook de toegankelijkheid van dure topopleidingen voor iedereen gewaarborgd is. Daarmee leek selectie aan de poort ineens ook een interessant instrument voor ‘gewone’ opleidingen die hun studierendement op simpele wijze meenden te kunnen opkrikken.
Uit het onderzoek dat het weekblad Vrij Nederland onder vierhonderd hoogleraren hield, bleek dat selectie aan de poort door velen als een uiterst welkom middel wordt gezien om ‘domme’ studenten te weren en een einde te maken aan de massaliteit van hun opleidingen.
Staatssecretaris Nijs was blij met de parlementaire steun voor haar plannen. Aanvankelijk wekte ze daarbij de indruk dat het selectie-instrument ook wat haar betreft zonder voorwaarden mocht worden ingezet.
Ze kreeg echter tegenwerking van coalitiepartner CDA, die de staatssecretaris wilde houden aan de eerder gemaakte afspraak dat alleen opleidingen met een duidelijke meerwaarde mochten experimenteren met selectie en hoger collegegeld. Op de valreep diende CDA-Kamerlid Joldersma een motie in waarin ze de regering opriep zich te houden aan eerdere afspraken: er moesten alleen experimenten en wetgeving worden voorbereid voor ‘specifieke opleidingen met een erkende evidente meerwaarde’. Bovendien vroeg ze de regering om heldere criteria voor wat hieronder moet worden verstaan.
Het parlement – en met name regeringspartij VVD – koos eieren voor zijn geld en nam beide moties aan. De staatssecretaris liet nog even in het midden welke van de twee ze zou gaan uitvoeren.
Uit de brief die Nijs deze week naar de Kamer stuurt blijkt volgens haar woordvoerder ondubbelzinnig dat alleen opleidingen die iets extra’s bieden, mogen experimenteren met selectie aan de poort.
Er wordt een Commissie Toelatingsbeleid benoemd die aanvragen gaat beoordelen van opleidingen die hun studenten vooraf willen selecteren. Anders dan de motie-Joldersma vroeg, zal de commissie niet eerst beoordelingscriteria opstellen. De commissie gaat onmiddellijk aan de slag, aldus de woordvoerder van Nijs, zonder de Kamer nog nader te raadplegen. Hoewel Kamerlid Joldersma dat laatste vreemd vindt, is ze op voorhand blij dat staatssecretaris Nijs zich aan de eerder gemaakte afspraken lijkt te gaan houde

Meer lezen?