Terug naar overzicht

Veel talenkennis, maar te weinig communicatief

Afgestudeerden van hogescholen en universiteiten vinden hun communicatieve vaardigheden onvoldoende ontwikkeld voor het werk dat ze doen. Voor hun kennis van vreemde talen geldt het omgekeerde: op dat punt achten ze zichzelf juist overgekwalificeerd.

Dat blijkt uit nieuw onderzoek van het Maastrichtse Researchcentrum voor onderwijs en arbeidsmarkt. Net als elk jaar onderzoekt het ROA de arbeidsmarktpositie van pas afgestudeerde academici en hbo’ers. Dit keer moesten die niet alleen laten weten of ze al werk gevonden hadden en hoeveel ze verdienden, maar ook in hoeverre zij zichzelf competent achtten voor hun functie. Er zijn tienduizend academici en twintigduizend hbo-afgestudeerden ondervraagd.

Een hoog percentage ondervraagden in alle sectoren van het hoger onderwijs vindt dat hun communicatieve vaardigheden tekortschieten voor de functie die ze uitoefenen. Het sterkst geldt dit voor de universitair opgeleide technici. Van hen meent 64 procent dat ze goed tot uitstekend in staat zijn om anderen duidelijk te maken wat ze bedoelen. Toch meent maar liefst 84 procent dat het voor hun werk vereiste competentieniveau goed tot uitmuntend moet zijn. Dat levert een veelzeggende mismatch van twintig procent op. In het hbo zijn de leraren nog het meest overtuigd van hun communicatieve vermogen, maar ook zij geven aan dat hun beroep hogere eisen stelt.

In schijnbare tegenstelling daarmee vindt twintig procent van de academici en achttien procent van de hbo-afgestudeerden dat ze over meer talenkennis beschikken dan nodig is voor hun functie. In het hbo zijn de kunstenaars daar het meest stellig over.
ROA-projectleider Jim Allen wil niet gezegd hebben dat de opleidingen hun lessen in communicatieve vaardigheden dus maar moeten opvoeren ten koste van het vreemde-talenonderwijs. ‘Wat de opleidingen met de geconstateerde mismatches doen kunnen ze beter zelf beslissen. Wij verrichten het onderzoek omdat er behoefte is aan cijfers die inzicht geven in het functioneren van afgestudeerden. Daar kunnen ook werkgevers hun voordeel mee doen.’

In het algemeen heeft Allen de indruk dat hbo-afgestudeerden zich iets beter toegerust weten voor de arbeidsmarkt dan academici. Maar per opleiding en per competentie – het ROA onderscheidt er 23 – lopen de inschattingen behoorlijk uiteen. Qua kennis van het eigen vakgebied bijvoorbeeld hebben hbo-afgestudeerden in de gezondheidszorg het gevoel dat ze nog veel vakkennis missen. Ook de tweedegraads leraren lijken er weinig gerust op dat ze alle vragen van hun slimste leerlingen kunnen beantwoorden. (HC/HOP)

Meer lezen?