Terug naar overzicht

Waar blijft het open onderwijsbestel? 

De particuliere onderwijsinstituten zijn teleurgesteld in de plannen van staatsecretaris Rutte. Over het eerder aangekondigde open onderwijsbestel wordt daarin met geen woord gerept. 
Nog geen jaar geleden adviseerde de Onderwijsraad om het huidige gesloten onderwijsbestel voorzichtig open te breken. Commercieel aanbod van instellingen als Schoevers en het NTI zouden een welkome aanvulling kunnen bieden op het reguliere onderwijsaanbod. Daarom pleitte de raad ervoor om geaccrediteerde opleidingen voor bekostiging in aanmerking te laten komen. Maar dan wel op voorwaarde dat het totale onderwijsaanbod evenwichtig zou blijven en er geen wildgroei van lucratieve opleidingen zou ontstaan. 

Het advies viel in goede aarde, want het kabinet liet dit najaar weten dat het in 2006 op kleine schaal wil gaan experimenteren met een open bestel. Hoe deze experimenten er uit moeten zien, zou nader worden uitgewerkt. Maar in de notitie over de nieuwe Wet op het Hoger Onderwijs (WHO) die staatssecretaris Rutte deze maand naar de Kamer stuurde is daar niets van terug te vinden. De beperkte set ‘leerrechten’ die studenten jaarlijks mogen inzetten zijn alleen bij bekostigde instellingen verzilverbaar. Anna Bakker, directeur van Paepon, de belangenvereniging van particuliere onderwijsinstituten, vindt de WHO-notitie daarom allesbehalve vraaggestuurd. 

Ze betreurt het bovendien dat niet-bekostigde instellingen nog steeds pas nieuwe opleidingen mogen laten accrediteren als het ministerie daar toestemming voor geeft (de zogenaamde ‘aanwijzing’). De aanvraag voor zo’n aanwijzing kan drie jaar duren. Bakker vindt het vreemd dat het kabinet deze kwaliteitscontrole laat voortbestaan voorafgaande aan de accreditatie, waaraan de particuliere opleidingen zich eveneens onderwerpen. ‘Het voegt niets toe en juist bij commerciële aanbieders is het risico klein dat ze zomaar opleidingen voor accreditatie aanbieden als de kans om door de accreditatie te komen klein is; dat zou ze handenvol geld kosten.’

Staatssecretaris Rutte zou in de ogen van Bakker pas echt vernieuwend bezig zijn als hij snelle hbo-studenten de mogelijkheid gaf om – binnen de vier jaar leerrechten die ze krijgen – ook een professional-masteropleiding te volgen. Anders gezegd: het hbo zou de mogelijkheid moeten krijgen om te variëren met het niveau van de vierjarige onderwijstrajecten en minder op een universiteit moeten willen lijken. ‘Dan ben je bovendien meteen af van de discussie over het al dan niet bekostigen van hbo-masters. We moeten af van die hokjesgeest en dat instellingsdenken. Investeer in de beroepskolom tot en met de master.’  (HC/HOP)

Meer lezen?