Terug naar overzicht

WO en hbo tegenover elkaar rond leerrechtenplan

Universiteitenkoepel VSNU is blij met de kritiek van de Raad van State op het leerrechtenplan van staatssecretaris Rutte. Dat zou onvoldoende ‘draagvlak’ hebben. Maar de HBO-raad is voorstander en ook de Tweede Kamer ziet geen aanleiding om het nieuwe bekostigingsmodel neer te sabelen.

Voor VSNU-voorzitter Ed d’Hondt is het zo klaar als klontje: de staatssecretaris kan de kritiek van de Raad van State niet zomaar terzijde schuiven. ‘Er is te weinig draagvlak voor zijn leerrechtenplan.’ Het steekt d’Hondt nog altijd dat Rutte gemaakte afspraken schendt over de studietijd die met een leerrecht kan worden ingekocht. ‘Er zouden leerrechten van een jaar komen – niet van zes maanden. Rutte verschuilt zich nu achter de wens van de Tweede Kamer, maar het is alleen de PvdA die halfjaarlijkse leerrechten wilde. Dat maakt het hoger onderwijs onoverzichtelijk, de administratieve druk wordt enorm. Bovendien moeten we allerlei onderwijsinhoudelijke aanpassingen verrichten.’
CDA-kamerlid Cisca Joldersma kan zich de kritiek van de VSNU voorstellen en vindt dat de Raad van State een aantal rake opmerkingen plaatst. ‘Ik heb al eerder gezegd dat dit systeem leidt tot onoverzichtelijkheid.’ Ze somt op: ‘We hebben straks halfjaarlijkse leerrechten, acht leerrechten met bekostiging voor de instellingen, twee jaar uitlooptijd voor studenten tegen het basiscollegegeld zonder bekostiging voor de instellingen, en voor studenten die er nog langer over doen een hoger collegegeld. En de diplomabonus blijft. Erg helder is dat allemaal niet.’ Toch zal ze de kern van Ruttes conceptwet niet naar de prullenbak verwijzen. ‘Gelukkig kan de Tweede Kamer het wetsvoorstel straks op onderdelen aanpassen.’

PvdA-kamerlid Jacques Tichelaar heeft meer moeite met de kritiek van de Raad, die er volgens hem ten onrechte van uitgaat dat studenten voortdurend van opleiding zullen wisselen. ‘Onderschat de invloed van sociale contacten niet, en het feit dat studenten niet overal zomaar een kamer kunnen huren. Ik denk dat het percentage mobiele studenten uitkomt op twaalf procent.’
Evenmin deelt Tichelaar de vrees van de raad dat instellingen meer middle of the road-opleidingen zullen aanbieden om zo veel mogelijk studenten te trekken. ‘Er is ook een internationale beweging. De houding van “houden wat je hebt” die je nu ziet, is in de toekomst niet vol te houden. Instellingen moeten zich gaan specialiseren zoals de TU’s nu al proberen.’

De PvdA krijgt steun uit onverdachte hoek: de HBO-raad vindt het leerrechtenplan prima en beschouwt de opstelling van de Raad van State als te behoudend. Voorzitter Doekle Terpstra: ‘De raad erkent de dynamiek van het hoger onderwijs niet. De studentenpopulatie is ontzettend divers en heeft behoefte aan maatwerk. Daaraan moeten hogescholen tegemoet komen. Staatssecretaris Rutte handelt veel meer in de tijdgeest en het is aan het hbo om daarin te volgen.’
Terpstra vindt het onzin om te veronderstellen dat hogescholen financieel gezien zullen lijden onder het juk van de leerrechten. ‘Het is natuurlijk aardig dat de Raad van State zich opwerpt als hoeder van het hoger onderwijs, maar de realiteit is dat hogescholen al jaren te maken hebben met tegenvallende financiën. De prijs per student loopt immers nog altijd terug. Gevolg is wel dat het hbo heeft geleerd zich flexibel op te stellen. Dus laat die leerrechten maar komen.’ (TdO/HOP)

Meer lezen?