Terug naar overzicht

Inspectie kritisch over werving buitenlandse studenten

De onderwijsinspectie maakt zich zorgen over de gang van zaken rond de werving en selectie van studenten uit het buitenland. Andere knelpunten zijn het ontbreken van betrouwbare instroomcijfers en het bindende studieadvies dat botst met de verblijfsregels voor vreemdelingen.
Dat blijkt uit een rapport van de onderwijsinspectie dat staatssecretaris Rutte vorige week naar de Tweede Kamer stuurde. De inspectie is vooral kritisch over de werving en selectie van buitenlandse studenten door commerciële bemiddelingsbureaus. Die kijken onvoldoende scherp naar het niveau van de vooropleiding van buitenlandse studenten. Hun diensten moeten nader worden onderzocht.

Ook het negatieve bindende studieadvies zorgt voor problemen. Als studenten van buiten de EU tijdens de eerste maanden van hun opleiding weinig studiepunten halen, krijgen ze net als iedereen een tijdige waarschuwing van de instelling: te weinig studiepunten halen is opleiding staken. Geeft een universiteit of hogeschool die waarschuwing niet, dan kunnen ze studenten aan het einde van het jaar niet meer wegsturen.
De Integratie- en Naturalisatiedienst (IND) hanteert echter de regel dat instellingen zes maanden voor het einde van het eerste studiejaar aan moeten geven of studenten van buiten de EU in aanmerking komen voor verlenging van hun verblijfsvergunning. Een waarschuwing over een dreigend negatief studieadvies verplicht de IND in principe om een verblijfsvergunning niet te verlengen.

Staatssecretaris Rutte vindt dat er snel een oplossing moet komen voor dit probleem en heeft de Tweede Kamer laten weten dat hij met de IND overleg voert om tot een goede oplossing te komen.
In zijn brief aan de Tweede Kamer kondigt Rutte bovendien aan dat hij de internationaliseringskengetallen van de Nuffic nader gaat toetsen. De inspectie constateert namelijk dat er geen duidelijk inzicht is in de aantallen studenten die met een buitenlands diploma worden toegelaten tot het Nederlandse hoger onderwijs. Gegevens die de Nuffic verzamelt over buitenlandse studenten hebben betrekking op nationaliteit en geven geen uitsluitsel over de vraag waar welke opleiding is behaald. ‘Noch op landelijk niveau, noch op instellingsniveau wordt dat systematisch bijgehouden’, aldus de inspectie. De kengetallen die door de instellingen worden aangeleverd, komen daarom vaak niet overeen met de gegevens van de IB-Groep.
Dit najaar trok internationaliseringsorganisatie Nuffic al aan de bel over de gebrekkige betrouwbaarheid van de door haar verstrekte gegevens. Directeur internationalisering Hanneke Teekens klaagde dat de Nuffic moet werken met vrijwillig verstrekte gegevens. Zij pleitte voor duidelijke overheidsregels voor de registratie van internationale mobiliteit van studenten, zoals dat in Frankrijk of Duitsland al gebruikelijk is.
Rutte hoopt dit probleem te kunnen oplossen met de gedragscode die zijn ambtenaren samen met onder meer de VSNU en de HBO-raad over deze kwestie opstellen. (TdO/HOP)

Meer lezen?