Terug naar overzicht

Academie voor Sociale Studies gesplitst

Het samengaan van de Bredase en Bossche sociaal-agogische opleidingen in één bovenlokale Academie voor Sociale Studies wordt ongedaan gemaakt. De Raad van Bestuur heeft daartoe besloten op advies van Bureau HCG, dat in de persoon van Leo Kerklaan de problemen bij de grootste academie van Avans heeft doorgelicht. Vanmorgen heeft Frans van Kalmthout van de Raad van Bestuur het besluit in een personeelsbijeenkomst van de academie toegelicht.

Bij de totstandkoming van Avans Hogeschool in 2004 koos de Raad van Bestuur voor samenvoeging omdat er voor de ontwikkeling van het onderwijs voordelen van werden verwacht. De nadelen – twee locaties en een verdubbeling van de ideaal geachte academie-omvang van rond de duizend studenten – werden op de koop toegenomen.
Toch blijken die nadelen nu op te spelen. Kerklaan vindt de situatie waarin twee opleidingsplaatsen door één leiding moeten worden aangestuurd te problematisch, en adviseert tot organisatorische scheiding. De Raad van Bestuur neemt dat over.
Het advies om de deeltijdopleiding tot één locatie te beperken, wordt niet gevolgd. De deeltijdvariant zal op beide lesplaatsen aangeboden blijven worden als opleiding van de nieuw te vormen Bredase academie. Voor de deeltijdopleiding zal een adjunct-directeur naast de Bredase academiedirecteur worden benoemd. De Bredase academie zal met ruim 900 voltijdstudenten en 430 deeltijdstudenten een flinke omvang houden. Aan de Bossche academie, waar bijna zeshonderd voltijdstudenten zijn ingeschreven, wordt volstaan met een éénhoofdige directie.
De externe complicaties van het besluit zullen beperkt zijn, omdat de Bossche en de Bredase opleidingen officieel nog altijd als aparte eenheden werden beschouwd. Voor het ministerie, de IBG en de accreditatie-instanties verandert er daardoor niet veel.

Er is ook een knoop doorgehakt in een ander probleem waar de Academie voor Sociale Studies mee worstelde: de inrichting van het curriculum. Dat ging van te veel keuzemogelijkheden en varianten uit, vindt Kerklaan. Hij adviseert het aantal majors te verminderen, en te werken met een ‘kaderstellend curriculum’ dat uitgaat van de competenties waarop studenten worden getoetst.
De Raad van Bestuur neemt ook die aanbeveling over, al betekent dat een beperking van de keuzemogelijkheden voor studenten. De studenten zullen daarover in een brief uitleg krijgen. Voor ouderejaars zullen de gevolgen beperkt zijn, zo wordt verwacht. De overige studenten wordt voorgehouden, dat tegenover de beperking van keuzemogelijkheden een toename van kwaliteit en diepgang staat.

Een groep medewerkers van Sociale Studies gaat de Raad van Bestuur adviseren over de implicaties van het besluit, en krijgt de taak initiatieven te nemen om tot een gezamenlijke visieontwikkeling te komen. De Raad van Bestuur geeft in overweging een conferentie te organiseren. Frans van Kalmthout, portefeuillehouder onderwijszaken in de Raad van Bestuur, mikt op een groep met ‘voldoende draagvlak’, gezien de ‘kennelijk aanwezige verschillen van opvattingen’.
Over de invulling van de directiefuncties worden binnen enkele weken besluiten genomen. Totdat het zover is, blijft de huidige directie bevoegd. (FG)

Meer lezen?