Terug naar overzicht

Onvoldoende na negatieve sfeer en gebrek aan reflectie

Hij kan onvoldoende reflecteren en komt afspraken niet na, vinden zijn stageadres én de opleiding. Er was helemaal geen enkele ruimte voor reflectie, beweert de student Verpleegkunde, die de onvoldoende voor zijn stage aanvocht. De zaak diende op 2 oktober bij het College van Beroep.

De aankomend verpleegkundige zei prima in staat te zijn tot reflectie, maar kreeg er tijdens zijn stage bij de Geestelijke Gezondheidszorg in Breda geen tijd en ruimte voor. Hij werd vanaf dag één niet voor vol aangezien en kon daarom zijn leerdoelen niet halen. ‘Ik mocht de kleine klusjes doen, zoals koffie zetten. Daarvoor ga ik niet op stage.’
De onvoldoende voor de stage, weet de student vooral aan de slechte sfeer waarin hij terechtkwam. Hij werd al na drie dagen aan zijn lot overgelaten en onvoldoende geïnformeerd over de achtergrond van patiënten, zodat gevaarlijke situaties op de loer lagen. Hij werd zelfs eens door een collega bedreigd, zei hij tijdens de zitting.
Volgens de begeleider, die niet op de zitting aanwezig was, drongen de dingen die tijdens gesprekken tegen de stagiair werden gezegd, niet door. Daarom boekte hij nauwelijks vooruitgang tijdens zijn stage. Voor de bedreiging zijn excuses aangeboden.

Het college vroeg zich af waarom de student niet eerder en vaker aan de bel had getrokken. Hakkelend en bijna emotioneel kwam het verweer eruit: hij had zich te gekleineerd gevoeld om nog tegengas te kunnen bieden. Bovendien werd ook op de opleiding slecht naar hem geluisterd.
De opleiding koos de kant van het stageadres, waar al jaren studenten geplaatst worden. ‘De student spreekt steeds van “vragen stellen” als het over reflectie gaat. Dit geeft al aan dat hij niet goed weet wat reflectie is. Als je ingewerkt wordt, moet je vragen stellen, maar later moet je vooral de blik op jezelf richten’, verdedigde een vertegenwoordiger van de opleiding de stageplaats.
Mocht de opleiding het negatieve oordeel van de stageplaats volgen of had men de kant van haar klant, de student, moeten kiezen? De vertegenwoordiger van de opleiding was er duidelijk over, tegen het college. ‘We plaatsen al jaren stagiairs op deze locatie. De enige variabele factor in dit negatieve verhaal is nu eenmaal de student.’ Daarop wierp de student weer tegen dat hij enkele voorbeelden kende van stages die op die locatie evenmin prettig verlopen waren.
Het College van Beroep probeerde het welles-nietes spelletje te voorkomen en maande beide partijen bij de feiten te blijven en emoties achterwege te laten. Daarnaast irriteerde de voorzitter, een kantonrechter die niets met de school te maken heeft, zich aan het taalgebruik tijdens de zitting. ‘Reflectie, evaluatie, zorgplanning, leerdoelen… Zeg toch gewoon waar het concreet over gaat!’
Het College van Beroep doet over vier weken uitspraak. (RS)

Meer lezen?