Terug naar overzicht

P.J. Meertens niet ‘fout’, maar ook geen held

Volkskundige P.J. Meertens was niet ‘fout’ in de Tweede Wereldoorlog. De Koninklijke Akademie van Wetenschappen ziet geen aanleiding het Meertens Instituut een andere naam te geven.

Een Commissie van Drie onder leiding van H.W. von der Dunk, de Utrechtse emeritus hoogleraar geschiedenis, onderzocht de rol van Meertens in opdracht van de KNAW. Aanleiding was de beschuldiging van Hans Derks, socioloog en historicus, dat Meertens zou hebben samengewerkt met de Duitse bezetter. Hij verwijt het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie, het Meertens Instituut en de KNAW ‘doofpotpolitiek’.

Uit archiefonderzoek en interviews met betrokkenen blijkt dat Meertens geen lid was van de NSB of een andere organisatie die na de oorlog als ‘fout’ is aangemerkt. Wel heeft hij contacten gehad met het Rijkscommissariaat en met instellingen die samenwerkten met de bezetter. ‘Die contacten vloeiden voornamelijk voort uit zijn betrokkenheid bij de poging tot oprichting van een Rijksinstituut voor Nederlandsche Taal en Volkskultuur.’
Meertens heeft volgens de commissie geen heldenrol gespeeld. Hij heeft zich in vergaande mate aangepast en meegewerkt aan ondernemingen die de Duitse bezetter ten goede kwamen. De commissie wijst er echter op dat ‘accommoderend gedrag’ tijdens de oorlogsjaren een wijdverbreid patroon was.

De commissie is fel tegen een naamsverandering van het Meertens Instituut: ‘Het zijn juist de totalitaire politieke stelsels die geen tijd of geschiedenis, anders dan een geïdealiseerd ver verwijderd verleden, wensen te erkennen. Democratische staten en gemeenschappen kenmerken zich daarentegen door het vermogen een modus vivendi te vinden met onaangename waarheden en moreel verwerpelijk geachte opvattingen. Daar zit vanzelfsprekend een grens bij gedrag dat apert in strijd is met elementair menselijk fatsoen en als universeel te beschouwen morele waarden. Alleen wanneer iemand zich daaraan schuldig heeft gemaakt, is volgens deze commissie een naamswijziging op zijn plaats, en dan ook volstrekt onvermijdelijk.’

In het geval van Meertens is hiervan echter niets gebleken. De commissie bepleit handhaving van de naam ‘uit historisch oogpunt en omdat het ontkennen van het verleden door dergelijke correcties tot mislukken gedoemd is’. (HC/HOP)

Meer lezen?