Terug naar overzicht

Kamermarkt niet langer onder hoogspanning

Dat blijkt uit de database Studie Keuze Informatie van het onderzoekscentrum Choice, waarin informatie is verzameld voor studiekiezers. Het bureau becijferde voor 2007 een kamerprijs door gedurende een half jaar de prijzen te meten van het aanbod op www.kamernet.nl: landelijk meer dan twaalfduizend kamers.

Hieruit blijkt dat van de Avanssteden een kamer in Den Bosch het duurst is namelijk 280 euro, gevolgd door Breda met 272 euro en als goedkoopste Tilburg, waar een kamer gemiddeld 268 euro kost.
 
De daling in de huur is overigens bescheiden. Voor een kamer van vier bij vier betaalt een student in Amsterdam gemiddeld 387 euro per maand; dat is eenentwintig euro minder dan een jaar geleden. In Utrecht kost een kamer van zestien vierkante meter 343 euro. Vorig jaar was een student daarvoor nog 361 euro kwijt.

Daarmee blijven Amsterdam en Utrecht de duurste steden om te wonen. In alle andere grote studentensteden ligt de prijs voor een vergelijkbare kamer onder de driehonderd euro per maand. Ook daar daalde de gemiddelde huur. Alleen in de kleine studentenstad Sittard steeg de prijs voor een ‘standaardkamer’ .

Toch betalen studenten ietsje meer voor hun kamer dan vorig jaar. De gemiddelde prijs per vierkante meter daalt, maar studenten wonen in grotere kamers met meer voorzieningen.

De verbetering van de woonsituatie blijkt ook uit de waardering van studenten voor de kamermarkt. Amsterdam en Utrecht krijgen nog altijd een onvoldoende: een 4,9 en een 5,4. Maar er zit een stijgende lijn in: vorig jaar kregen de grootste studentensteden een 4,8 en een 5,1. Het positiefst zijn de studenten over de kamermarkt in Enschede en Wageningen. Beide steden scoren een 7,4. Overigens wordt de waardering voor de kamermarkt berekend over twee jaren: de jongste cijfers gaan over 2006 en 2007.

Van de Avanssteden scoort Tilburg het beste met een score van 7,1. Studenten waarderen Breda met een 6,3 en Den Bosch krijgt een 6,2.

De gegevens uit de database bevestigen volgens Kences – de vereniging van sociale studentenhuisvesters – andere signalen uit de markt. ‘Wij hebben de afgelopen jaren duizenden woningen bijgebouwd in verschillende steden. Dan ligt het voor de hand dat de markt wat ontspant en particulieren hun kamerprijs naar beneden aanpassen’, zegt directeur Remco de Maaijer.

Toch is Kences niet klaar. Vooral studentenbond LSVb houdt de woningnood in de grote studentensteden op de agenda. ‘Het is mooi dat de prijs aan het dalen is. Maar de kamermarkt in Utrecht en Amsterdam is nog altijd onvoldoende’, zegt bestuurslid Lisa Westerveld. ‘Veel studenten zijn daar nog altijd aangewezen op kleine kamertjes van particulieren, of gaan in een nabijgelegen plaats wonen. Dat is niet ideaal. Studentenhuisvesters moeten de komende jaren dus flink blijven bouwen.’

Een stelling die De Maaijer onderschrijft. ‘We moeten niet denken dat we er al zijn. Volgens het ministerie komen er jaarlijks tienduizend studenten bij.’

Sterke huurverhogingen komen er niet, verwacht De Maaijer, want de prijzen mogen alleen met de inflatie meestijgen. ‘Wel maken we ons zorgen om de energieprijs. Verwacht wordt dat gas, water en licht veel meer gaan kosten, en studenten zijn niet zuinig. Onze panden worden er op aangepast, en verder proberen we de studenten via voorlichting te beïnvloeden.’ [AR, TdO/HOP]

Meer lezen?