Terug naar overzicht

‘Balkenende-norm’ minder vaak overschreden

In 2006 werd de zogeheten Balkenende-norm voor de publieke en semi-publieke sector verhoogd van 158.000 naar 171.000 euro, het gemiddelde jaarloon van een minister. Misschien wel daarom werd de norm minder vaak overschreden dan in 2005, toen het hoger onderwijs nog 65 grootverdieners telde. Dit blijkt uit het overzicht van topinkomens dat het ministerie van Binnenlandse Zaken vlak voor Kerst publiceerde.

Bij de universiteiten verdienden 25 bestuurders en medewerkers meer dan een minister. Pensioenvergoedingen telden daarbij mee, maar eventuele ontslagvergoedingen niet. Ook vijftien hoogleraren, onderzoekers en docenten overschreden de salarisnorm die bepaalt wanneer instellingen tot openbaarmaking in het jaarverslag moeten overgaan. Twee bestuurders van de Wageningen Universiteit verdienden meer dan drie ton, net als de scheidende rector van de Universiteit Utrecht, die een hoge pensioenvergoeding meekreeg.

In het hbo kwamen dertien bestuurders boven de norm – één meer dan in 2005. De collegevoorzitter van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen verdiende het meest (210 duizend euro) en streefde zijn collega van Hogeschool Inholland (207.000 euro) voorbij.

Inclusief gouden handdrukken verdienden 76 personeelsleden van universiteiten en 17 van hogescholen meer dan een minister. De hoogste ontslagvergoeding (581 duizend euro) ging naar een hoogleraar van de TU-Delft, die haar ex-werknemers in 2006 in totaal minstens 5,5 miljoen euro meegaf. Het was nog slechts het staartje van de grootscheepse reorganisatie die in 2005 haar beslag kreeg: toen keerde Delft ten minste 32,5 miljoen aan ontslagvergoedingen uit.

Ook andere instellingen deden het in 2006 wat kalmer aan: de Universiteit van Amsterdam gaf ex-werknemers volgens de lijst 2,5 miljoen euro mee (in 2005 nog 6,5 miljoen), de Rijksuniversiteit Groningen 265 duizend euro in plaats van 5,8 miljoen, de Universiteit Maastricht 540 duizend euro in plaats van vier miljoen en de Universiteit Utrecht niets, tegen zes miljoen in 2005.

Let wel: alleen de ontslagvergoedingen die ervoor zorgden dat de ontvangers boven de Balkenende-norm uitstegen, zijn in deze lijsten openbaar gemaakt. De werkelijke bedragen zullen hoger liggen.

In opdracht van de commissie-Dijkstal wordt momenteel een onderzoek uitgevoerd naar de aard van de ontslagvergoedingen in 2005. Het daaropvolgende advies wordt dit jaar verwacht. Het kabinet moet nog reageren op het eerdere advies van de commissie over de hoogte van salarissen in de semi-publieke sector waartoe ook de universiteiten en hogescholen behoren.

De wopt-rapportage 2006 is hier te vinden. [HC/HOP]

Meer lezen?