Terug naar overzicht

‘Oppotten bij scholen loopt uit de hand’

Er is sprake van een misplaatst armoedegevoel bij scholen volgens de bond. De financiële vermogens van alle scholen en universiteiten zijn voor iedereen te vinden op www.hoerijkismijnschoolbestuur.nl. Op de site kan ook de solvabiliteit van scholen worden bekeken; een boekhoudtechnische maat voor de rijkdom. Met een solvabiliteit tussen de 10 en 45 procent zijn scholen ‘gezond’.

Avans Hogeschool zat daar in 2006 net boven, met 46 procent, zodat de instelling ‘rijk’ genoemd mag worden. De HAS in Den Bosch en Fontys doen het wat dat betreft wat minder; zij zijn gewoon ‘gezond’. De student die Punt deze site tipte, Robbert Mouwen, kwam direct kritisch uit de hoek: ‘Niets mag wat kosten of de student moet het zelf betalen: we moeten zelf meebetalen aan studiereizen. Er zijn maar twee liften voor het hele gebouw in Breda, daar sta je een kwartier te wachten. Xplora kan best wat meer computers gebruiken en een betere luchtkwaliteit. Maar er staan wel miljoenen op de bank.’

De onderwijsbond wil met de website aantonen dat scholen zich geregeld armer voordoen dan ze zijn. Vooral in het geval van basisscholen: de bond krijgt vaak klachten dat er geen geld zou zijn om kleine dingen te doen, zoals paaseitjes kopen, om maar wat te noemen. Maar ook die schoolbesturen blijken miljoenen op de bank te hebben. ‘Het oppotten dreigt in het onderwijs uit de hand te lopen', waarschuwt de AOb op de site. 'Onderwijspersoneel kan door deze site kritische vragen stellen over de jaarrekening.’

Harry Koopman, voorzitter van de Raad van Bestuur van Avans, heeft de discussie over de rijkdom eerder gehoord. ‘De AOb velt met de site een oordeel. Dat mogen ze ook, maar een jaar of vijf geleden heeft de onafhankelijke onderzoekscommissie Koopmans de vermogenspositie van hogescholen en universiteiten onderzocht. Die stelde dat de discussie over rijke scholen heel ongenuanceerd verliep en dat er niets aan de hand was. Dat deed alle commentaar uit de politiek verstommen. Als we nu ons hele vermogen uitgeven, zitten we over tien jaar met een gigantisch probleem.’

Koopman stelt dat er aan de lange termijn moet worden gedacht. ‘Vijf jaar geleden dachten we nog geld te krijgen voor het gebouw aan de Lovensdijkstraat in Breda. Nu gaan we er juist in investeren. Nieuwe opleidingen in de markt zetten, kost geld. In het bedrijfsleven wordt gesteld dat je tien pogingen doet om iets in de markt te zetten en dat het dan drie keer lukt. Zeven gaan er dus mis, maar dat geld is wel weg. In het kader van de innovatie moet je je een bult kunnen laten vallen.’

Aan de zaken die student Mouwen noemt, wordt ook gewerkt. ‘Zonder een studententevredenheidsonderzoek en medewerkerstevredenheidsonderzoek weet je niet wat de mensen vinden, waarvoor je het allemaal doet. Daar is het geld óók voor. Zover ik weet is er op de hogeschool ook geen discussie dat we ergens geen geld voor hebben. Ja, de kilometervergoeding hoor ik wel eens, maar dat is dan ook weer een goedkope korte termijn discussie. Bijna alles is betaald en we zijn financieel gezond.’

Basisscholen blijken de rijkste instellingen van alle onderwijssectoren te zijn. In totaal hebben de 1272 schoolbesturen in het basisonderwijs 1,5 miljard op de bank. Daarbij beleggen ze ook nog eens voor 500 miljoen euro. [EvG]

Meer lezen?