Terug naar overzicht

Kamer positief over selectieplannen

Uit het kamerdebat van afgelopen donderdag bleek dat bijna iedereen met de voorstellen van de minister kan leven. Oppositiepartij SP stond alleen in haar kritiek op het hogere collegegeld dat university colleges mogen heffen. Een ruime meerderheid vindt het juist niet sociaal om ‘gewone’ studenten mee te laten betalen aan dergelijk exclusief onderwijs.

Op detailniveau wil de Tweede Kamer meer duidelijkheid. Wat verstaat de minister precies onder ‘residentieel’ onderwijs waarvoor een hoger collegegeld mag worden gevraagd? Vallen ook instellingen daaronder die hun studenten alleen in het eerste jaar een dak boven het hoofd bieden, of die hun studenten verspreid over de stad in kamers onderbrengen?

‘Het moet niet zo zijn dat een deal met een kamerbureau voldoende is om een hoger collegegeld te vragen’, antwoordde de minister. ‘Maar een verplichte campus gaat misschien ook wat ver. Kijk naar de Roosevelt Academy: heel Middelburg is ongeveer even groot als het campusterrein van het Utrecht University College.’ Hij beloofde de Kamer meer duidelijkheid.

Ook de status van de kamerbreed geprezen intakegesprekken voor nuldejaars behoeft nog verdere uitwerking. Een meerderheid in de Tweede Kamer wil niet dat het gesprek een te verplichtend karakter krijgt. Maar volgens de minister loopt dat zo’n vaart niet: ‘Een student kan te horen krijgen van een docent dat hij niet bij de opleiding past, maar over de feitelijke inschrijving heeft zo’n docent niets te zeggen: dat regelt de student met de IB-Groep.’ Experimenten zullen moeten uitwijzen wat het precieze karakter van het intakegesprek wordt.

De coalitiepartijen plaatsten verder kanttekeningen bij het voornemen om eerstejaars al na drie maanden door te verwijzen naar een honoursprogramma. PvdA-kamerlid Marianne Besselink vindt het op zich prima, ‘maar sommige studenten hebben langer dan drie maanden nodig om hun draai te vinden. Als ze aan het einde van het eerste jaar toppers blijken, dan moeten ze ook naar een toptraject kunnen.’ Plasterk beloofde de mogelijkheden met hogescholen en universiteiten te bespreken, al zit er wat hem betreft een grens aan de flexibiliteit. ‘Als iemand een half jaar later dan de rest instroomt in een extra zwaar programma, dan zal het moeite kosten aan te haken.’ [TdO/HOP]

Meer lezen?