Terug naar overzicht

Wageningen beste universiteit

Wageningen gooit opnieuw hoge ogen met haar kleinschalige en intensieve onderwijs. Toch is er ook een kanttekening te plaatsen: de Wageningse studenten doen relatief lang over hun bachelorstudie.

Bacheloropleidingen

Anders dan in vorige edities vergelijkt de nieuwe Keuzegids Universiteiten alleen academische bacheloropleidingen met elkaar. In januari komt er nog een Keuzegids uit met alleen de masteropleidingen.

 

Voor wie de ranglijst van vorig jaar kent zijn ook de nummers twee en drie van de ranglijst geen verrassing: zilver voor het afstandsonderwijs van de Open Universiteit en brons voor de Universiteit Maastricht. Vlak daarachter staan de Technische Universiteit Eindhoven en de Radboud Universiteit Nijmegen, de beste ‘brede klassieke universiteit’. De andere grote universiteiten scoren beduidend minder goed. De auteurs constateren dat ‘grootschaligheid en kwaliteit blijkbaar niet zo gemakkelijk zijn te combineren’.

 

Minst succesvol

Het minst succesvol is de Vrije Universiteit: ‘Deze universiteit scoort het laagst van allemaal met contacturen, gebouwen en faciliteiten én de waardering van studenten voor de inhoud en samenhang van het studieprogramma. Door sterke groei is de kwaliteit onder druk gekomen.’

 

Maar er is troost voor de Amsterdammers: met goed beleid kun je een heleboel verbeteren. De Radboud Universiteit heeft er haar stijging aan te danken: ‘Ten eerste heeft de Radboud Universiteit enorme investeringen gedaan in modernisering van de onderwijsgebouwen en alle bijbehorende voorzieningen. Tegelijk is er heel gericht gewerkt aan verhoging van het aantal contacturen, invoering van kleinschalig onderwijs en didactische scholing van docenten. Die aanpak blijkt te werken.’

 

Kleinschaligheid

De redactie van de Keuzegids beoordeelt studies op een aantal punten. In de eerste plaats wordt gekeken naar oordelen van studenten over zaken als het onderwijsprogramma, de docenten en de begeleiding. Ook is het belangrijk dat er geen massale uitval is in het eerste jaar en dat een behoorlijk deel van de studenten binnen vier jaar het bachelordiploma heeft.

 

Verder kijkt de redactie of er genoeg ‘contact’ is tussen studenten en docenten en of dat in redelijk kleinschalige groepen plaatsvindt. Op basis van die gegevens constateren de auteurs dat kleinschaligheid en hoge eisen de sleutels zijn tot goed onderwijs: ‘Studenten blijken dat te waarderen en het leidt ook tot meer studiesucces.’

De auteurs benadrukken dat er binnen instellingen grote verschillen kunnen bestaan. De ene studie kan geweldig zijn, terwijl aan een andere van alles schort. De Keuzegids biedt daarom ook ranglijstjes per studie. [JL/HOP]

Meer lezen?