Terug naar overzicht

Cirkels kunnen zedendelicten voorkomen

Het Expertisecentrum Veiligheid van Avans in Den Bosch importeerde in 2008 samen met Reclassering Nederland een Engelse methode om te voorkomen dat veroordeelde zedendelinquenten na hun vrijlating opnieuw de fout in gaan. Die methode past goed in de Nederlandse situatie, zo blijkt uit de evaluatie van de pilot.

‘Veroordeelde zedendelinquenten zijn vaak eenzaam en vinden het moeilijk om sociale contacten op te bouwen. Ze hebben meestal maar weinig mensen om zich heen om mee te praten’, vertelt onderzoeker Mechtild Höing van het Expertisecentrum tijdens een lunchlezing over het COSA project die donderdag op Avans in Den Bosch werd gegeven. COSA staat voor Cirkels voor Ondersteuning, Samenwerking en Aanspreekbaarheid.

Cirkels

Cirkels bestaan uit twee ringen: Een binnenring met vrijwilligers en het zogenoemde kernlid, de veroordeelde zedendelinquent die centraal staat. In de buitenring de professionals, zoals de reclassering en de politie. De binnen- en buitenring worden verbonden door een cirkelcoördinator . De vrijwilligers komen eens per week samen. Zij schatten mogelijke risico’s voor herhaling in en spreken de zedendelinquent daarop aan, maar ook helpen ze hem bijvoorbeeld met het ontdekken van persoonlijke interesses. ‘De kernleden hebben vaak de ervaring dat ze overal worden uitgekotst. Nu zijn er vrijwilligers die willens en wetens contact willen houden. Dat is voor hen een hele ervaring’, vertelt de onderzoeker.

In 2009 ging een twee jaar durende pilot in Den Bosch van start, die aan het eind van 2009  twee cirkels startte. Inmiddels zijn ook in Breda en in de regio Rotterdam/Dordrecht dergelijke cirkels in het leven geroepen. ‘De cirkels werken’, zegt Höing trots. De kernleden zijn tot nu toe niet opnieuw de fout in gegaan en ook de vrijwilligers en professionals zijn, ondanks de soms grote druk, tevreden. ‘Ik doe nu eindelijk weer waarvoor ik ooit bij de Reclassering ben gaan werken’, vertelde een professional aan Höing tijdens de evaluatie.

Subsidie

Hoewel het proeftraject positief is ontvangen, kent het experiment ook een keerzijde. ‘Het experiment kostte relatief veel geld’, zegt Sjef van Gennip, directeur Reclassering Nederland. Zijn organisatie werkt samen met Avans en heeft hiervoor met succes subsidie aangevraagd bij het ministerie van Justitie. ‘Het is een mooie kans om iets te doen aan het verlagen van de recidive onder zedendelinquenten, maar er zal wel een manier gevonden moeten worden waarop het goedkoper kan.’ [MG]

Meer lezen?