Column: ga toch op kamers!

    bramvanderheijde-max
    ‘Maar je moet ook al je eten zelf betalen en daarbij: ik heb thuis niks te klagen,’ zegt een eerstejaars leenstelselgeneratie. ‘Ik mag thuis doen wat ik wil, dus ik woon praktisch op mezelf in m’n slaapkamer’ vervolgt hij. Zo bedenkt hij nog een aantal argumenten over het uurtje met de trein dat meevalt en hoe best-wel-prima het allemaal is zoals het is.

    Hij is niet de enige. Volgens het CBS is het aantal 17 tot 22-jarigen dat naar een andere gemeente is verhuisd tussen juli en oktober met 15 procent gedaald ten opzichte van vorig jaar. Studenten zijn op hun zere plek geraakt, we hebben klappen gevangen in de portemonnee.

    ‘Potten pindakaas leegschrapen is routine’

    En gek is het niet, het is ook best wel prima om thuis te wonen. Je eigen kamer is niet niks. Maar hoe dan ook ga je op een dag zelf de huur betalen. Als je student bent, kom je er nog mee weg om in een goedkoop krot je Ikea-bed in elkaar te schroeven en mag je nog je kamer inrichten met lege bierkratten. Het is oké als muizen zich huisvesten in je keukenkastjes en je gasten begrijpen dat je alleen maar euroshopper-pils in je koelkast hebt staan. Potten pindakaas leegschrapen om de laatste dagen van de maand door te komen is routine. Het mooie van student-zijn is de vrijbrief om geen fuck te geven. Je leeft als kind in een volwassen wereld en niemand neemt je dat kwalijk. Heb je straks een baan, huwelijk en een golden retriever, dan is die kans voorgoed vergooid.

    ‘Ik kan niet beschrijven hoeveel groter je horizon wordt als je onder de steen van het ouderlijk huis vandaan kruipt’

    Als kind is het lastig voor te stellen, maar er zijn dus mensen op de wereld die beter kunnen koken dan je moeder. Zo ontdek je allerlei dingen op kamers. Dat warm water best een luxe is en dat het moeilijk is om de container op de goede dag buiten te zetten. Je huisgenoten worden je tweede familie. Je leert normen en waarden aan die je van huis uit niet hebt meegekregen. Ik kan niet beschrijven hoeveel breder je horizon wordt als je onder de steen van het ouderlijk huis vandaan kruipt. Maar goed, ik heb misschien een toffe bek met m’n uitwonende beurs. Wanneer ik denk dat ik een punt heb gemaakt, antwoordt de eerstejaars; ‘Ik wil deze zomer ook nog naar Sunny Beach met m’n vrienden, dus ik denk dat ik daar eerst maar een jaartje voor spaar.’

    Bram van der Heijde is derdejaarsstudent Technische Bedrijfskunde in Tilburg.

    Meer artikelen over

       

    Deel dit artikel

    Reageer op dit artikel

    * Verplicht veld

    Reacties

    • Vermoeiende reactie..

    • laat iedereen in zijn waarde en laat iedereen voor zichzelf beslissen..

      alles is subjectief (wat is ‘onzin’ / ‘volwassener’ / ‘sociaal vaardiger’)

      om te spreken van ‘totale vrijheid’ vind ik helemaal in onze pennenstreek van tijd erg geestig

    • Mensen die op kamers zitten zijn vaak een stuk volwassener en spannen zich veel meer in voor studieverenigingen etc waardoor ze sociaal een stuk vaardiger zijn. Daarnaast heb je op kamers totale vrijheid.

    • dit is echt zo subjectief.. iedereen heeft toch zijn eigen ideeen en voorkeuren, betekent niet omdat de schrijver vindt dat je een deel van je ”jeugd” mist, we allemaal maar op kamers moeten.. laat hem aub nooit meer onzin uitkranen.