Terug naar overzicht

Column: macrobiotische dieetgoeroe

columnist-michael-max

Stress op het werk: vooral docenten hebben het zwaar. En de meeste vakantiedagen, maar elke keer moeten bedenken wat je met je vrije tijd moet is ook geen feest. Denk alleen al aan de gigantische keuzestress aan vakantiebestemmingen. Maar stress dus, ik merk dat ook aan mijn omgeving.

Zo ken ik iemand die niet geheel toevallig een vriend is. En docent. En structureel chronisch ziek. En hij moest daarom gezonder gaan leven. Veel (bij)slapen, binnen blijven om bacteriën in de buitenlucht te vermijden, dagelijks vijf blikjes cola (‘dat ontsmet goed van binnen’), een zak chips als voorgerecht, een fles wijn om het eten uit een pakje en het kiloknallervlees weg te spoelen en weinig sporten om extra energie te sparen blijken namelijk een (voor hem) onverwacht averechts en funest effect te hebben op zijn gezondheid.

‘Zo’n macrobiotische dieetgoeroe die je vertelt dat je terug moet naar de basis, naar wat onze voorouders in de oertijd aten’

En dus is hij naar een linksdraaiende alternatieve geneesvrouw gegaan. Zo’n quinoakut met sokken en sandalen in de kast, die ze ook nog eens tegelijk draagt. Zo’n macrobiotische dieetgoeroe die je vertelt dat je terug moet naar de basis, naar wat onze voorouders in de oertijd aten. Dat betekende geen pasta, rijst, brood, kaas, chips en zuivel meer. En geen wijn, want daar blijkt ook ei en melk in te zitten. Tel daarbij een pinda-allergie en een aversie tegen champignons en vis op, en je begrijpt dat zijn knorrende maag in de lege keukenkastjes angstvallig lang doorgalmt.

‘Ik zou het de term superfood niet durven geven en begreep wel dat hij ziek was’

En ik ging dus eten bij die vriend. Het werd een rauwe witlofsalade met appel, rozijnen en een verdwaalde walnoot. Precies zo’n laatste avondmaal dat Jezus tweeduizend jaar geleden ook kreeg dus. Hoe dan ook, ik zou het de term superfood niet durven geven en begreep wel dat hij ziek was. Dat zou ik namelijk ook worden als ik elke dag begin met een banaan, vervolg met een paprika en gojibessen, breek met een quinoasalade en eindig met witlof. Ik hoorde zijn verhaal aan en bestelde in gedachten maar een veel te duur broodje cateringkroket van de knappe kantinejuffrouw bij de witlofsalade. En weet je, droom er ook nog een kaassoufflé bij. En ineens had ik dé oplossing voor al mijn stress: verplichte kroketten.

Michael Doove is docent taal- en communicatieve vaardigheden aan de Juridische Hogeschool.

Meer lezen?