Column: Een wereld zonder meningen

    Er bestaat een verschil tussen feiten en meningen. Een feit is datgene wat een uitspraak waar maakt. Uitspraken over feiten zijn objectief controleerbaar. We praten erover in termen van waar of onwaar. Meningen zijn standpunten over onderwerpen. Meningen zijn subjectief, ofwel gebonden aan degene die een standpunt inneemt. Daarover praten we in termen van interpreteren.

    Dit feit/meningen-onderscheid dient een bruikbaar doel. Als burger, als consument, als opdrachtgever, als onderzoeker wil je weten: wat is objectief vastgesteld en waarover kunnen wij van mening verschillen? Een belangrijke vraag is: hoe verhouden feiten en meningen zich tot elkaar?

    De teneur is dat meningen inferieur zijn aan feiten. Een feitenclaim kun je toetsen aan de waarneembare werkelijkheid. Meningen die onderbouwd zijn met morele of esthetische argumenten zijn moeilijker toetsbaar. Waarom discussiëren over meningsverschillen als de juistheid van veel meningen moeilijk bepaalbaar is? Een klassiek beeld dat bekrachtigd wordt in een tijdperk van ‘alternatieve feiten’. Een tijdperk van fake news waarin een kritische burger op jacht gaat naar waarheid en gebaat is bij factchecks van serieuze journalistiek.

    ‘Waarom discussiëren over meningsverschillen als de juistheid van veel meningen moeilijk bepaalbaar is?’

    Om meningen op waarde te schatten, zou je je een wereld kunnen voorstellen zonder meningen. Ik doe dat hier en volg daarbij de argumentatie van ethicus Paul van Tongeren in het boek Leven is een kunst uit 2012.

    Stel je eens voor dat je in een land leeft, waarvan je de taal niet verstaat. De weg vragen, boodschappen doen, hulp krijgen, lukt nog wel. Met gebaren kun je verzoeken en mededelingen over feitelijke situaties wel aan anderen overbrengen. Conventies rondom groeten, eten en drinken en de manier waarop je iets waardeert, leer je ook nog wel.

    Wat niet meer mogelijk is, is communiceren over wat je mooi of lelijk, goed of slecht, zinvol of nutteloos vindt en waarom. Je kunt niet uitwisselen over de waarde van een vak in je opleiding. Niet over de film die je zag. Niet over de feiten die bekend zijn over de gaswinning in Groningen. Een parlementaire enquête volgen over keuzes die rondom de gaswinning zijn gemaakt? Vergeet het maar. Omdat mensen een diepe behoefte ervaren om over betekenissen van gedachten te wisselen, zou je gek worden in een wereld waarin dat niet kan.

    ‘Communiceren over meningen voorziet in een menselijke behoefte’

    Communiceren over meningen voorziet dus in een menselijke behoefte. Het is ook van groot belang voor de samenleving. Om kwalitatief goed met elkaar samen te leven is er niet alleen eensgezindheid nodig, maar ook een gebrek aan overeenstemming. Door de confrontatie met andere opvattingen, kun je je namelijk niet meer onttrekken aan onvermijdelijke twijfel over de juistheid van je eigen mening. Meningen aan elkaar toetsen ondergraaft de eensgezindheid die een samenleving wel helpt overleven, maar niet per se verder brengt. Een wereld zonder meningen is een wereld zonder kwaliteit.

    Heleen Torringa is docent kritisch denken en ethiek bij de opleiding Communicatie in Breda. Ze promoveerde in 2011 op een proefschrift over kritisch denken.

    Meer artikelen over

       

    Deel dit artikel

    Reageer op dit artikel

    * Verplicht veld

    Reacties

    Er zijn nog geen reacties.