Studenten en docenten ATGM missen het lab

    (Studenten op de foto zijn niet de geïnterviewde studenten)

    Studenten van de Academie voor de Technologie van Gezondheid en Milieu (ATGM) staan door de coronacrisis niet in het lab, maar werken thuis op hun laptop aan vervangende opdrachten. “Ik vraag me wel af hoe het volgend jaar moet met mijn labvaardigheden.”

    “Wij zijn er niet voor gemaakt om de hele dag achter de laptop te zitten”, zegt Eline Jurgens, docent Chemie en Forensisch Onderzoek bij ATGM. “Het is jammer, ook voor ons als docenten, dat de praktijklessen niet kunnen doorgaan.”

    Daarvoor in de plaats hebben de docenten vervangende opdrachten gemaakt. Een voorbeeld: als studenten experimenten uitvoeren in het lab, komen daar getallen uit die ze statistisch moeten verwerken. Nu krijgen de studenten die getallen, een dataset, van de docent en moeten ze die gebruiken. “Dataverwerking is een ontwikkeling die we ook in het beroepenveld zien”, vertelt Jurgens. “Het is niet slecht dat we het onderwijs op deze manier aanpassen, maar het is zonde dat het ten koste gaat van tijd in het lab.”

    Literatuurstudie
    Andere vervangende opdrachten zijn gerelateerd aan het onderwerp dat in de praktijkles behandeld zou worden. In het tweede jaar van Forensisch Laboratorium Onderzoek bijvoorbeeld doen studenten normaal gesproken onderzoek naar drugs die gesmokkeld is in plastic. Hoe weet je wat erin zit? En hoe krijg je dat zo zuiver mogelijk eruit?

    “In plaats daarvan doen studenten een literatuurstudie naar een bepaalde soort drugs”, vertelt Jurgens. “Hoe is die gemaakt? Wat is de handelsroute? Wat kan de douane doen om de drugs te detecteren? Dat komt een beetje in de buurt, maar studenten doen geen labvaardigheden op.”

    Jurgens: “Dat kan in het derde jaar gecompenseerd worden. Het verschil in competenties tussen het oorspronkelijke project en de vervangende opdracht is niet zo groot.” Er zijn ook labvaardigheden waarvan het essentieel is dat ze nu worden aangeleerd, omdat die later in de opleiding niet meer terugkomen. De lessen in het lab zullen dus op een later moment ingehaald moeten worden. “Als studenten bepaalde experimenten niet kunnen uitvoeren, is hun opleiding straks niet ‘chemiewaardig’.”

    ‘Als studenten bepaalde experimenten niet kunnen uitvoeren, is hun opleiding straks niet ‘chemiewaardig”

    Motivatieproblemen
    Jurgens hoorde van studenten terug dat de hele dag achter de laptop zitten voor motivatieproblemen zorgt. Dat beaamt Sander Prevoo, eerstejaars Biologie en Medisch Laboratoriumonderzoek in Breda. “Het is voor mij lastig om te starten, maar als ik eenmaal begonnen ben, dan gaat het wel. Als ik bijvoorbeeld twee lessen heb gehad, dan is het makkelijk om daarna door te werken voor school.”

    Ook Diederik van Zwol, eerstejaars Forensisch Laboratorium Onderzoek in Breda, had het de eerste weken lastig. “De praktijklessen in het lab waren voor mij een belangrijke reden om voor de opleiding te kiezen. De voorbereiding is vaak veel werk, maar je leert steeds iets nieuws, bent iets aan het doen in plaats van lezen in een boek of luisteren.” Deze periode zou Diederik drie labvakken hebben en per week tussen de zes en negen uur op het lab zijn. “Ik vraag me wel af hoe het volgend jaar moet met mijn labvaardigheden. Dan heb ik ze nodig. Die worden als het ware opgebouwd en steeds moeilijker.”

    Sander zou deze periode tussen de acht en tien uur per week doorbrengen in een witte labjas. “We doen wel de voorbereiding voor experimenten, ons labjournaal moet kloppen. We moeten weten welke gevaarlijke stoffen er zijn en hoe we daarmee moeten omgaan. Als we dan weer in het lab mogen, kunnen we in één keer beginnen.”

    Anderhalve meter
    Hoe dat straks gaat, in het lab anderhalve meter afstand houden, ziet Sander nog niet voor zich. “Dat wordt moeilijk. Het lab is best groot, maar de gangpaadjes bijvoorbeeld zijn erg smal.” Ook Diederik denkt dat die afstand moeilijk te hanteren is.

    Docent Jurgens geeft aan dat wanneer er gewoonlijk zestien studenten in het lab staan, dat er straks maar acht zijn. “We zijn druk bezig met de aanpak van hoe we de anderhalve meter afstand gaan hanteren in de laboratoria. Met behulp van looproutes in gebouw LC willen we dit zoveel mogelijk stroomlijnen. En ook in de laboratoria worden voorbereidingen getroffen om extra afstand te creëren, door bijvoorbeeld apparatuur op een andere plaats te zetten, om te voorkomen dat meerdere studenten op dezelfde plaats moeten zijn.”

    Deel dit artikel

    Reageer op dit artikel

    * Verplicht veld

    Reacties

    Er zijn nog geen reacties.