Verkiezingsdebat na coronamiljarden: wie mag het geld uitgeven?

    Foto: Flickr/Risastla https://flic.kr/p/5otdQ8

    Politici zijn blij met de coronamiljarden die het kabinet voor het onderwijs uittrekt, bleek woensdagavond in het ISO-verkiezingsdebat. Maar komt het geld niet wat laat, en wie mag meepraten over de besteding?

    “We vragen al sinds april vorig jaar om compensatiemaatregelen”, zei Lisa Westerveld (GroenLinks). “Als dit geld er eerder was geweest, hadden we veel mentale problemen van studenten kunnen voorkomen.” 

    Ze sprak via Teams, want het was een online debat. Om het overzichtelijk te houden waren er twee rondes met elk vier politici. 

    Deze ronde ging onder meer over geld: waarom kwam het zo laat, vroeg ook Kirsten van den Hul (PvdA) zich af. Maar beter laat dan nooit. Dennis Wiersma van regeringspartij VVD wierp tegen dat er nog nooit in de geschiedenis zo’n groot bedrag ineens was vrijgemaakt voor het onderwijs.

    Collegegeld terug
    Maar wie bepaalt waar het geld in het hoger onderwijs aan wordt uitgegeven? Hoeveel ruimte krijgt de medezeggenschap? Wiersma (voormalig LSVb-bestuurder) vond dat de facilitering van de medezeggenschap bij wet moet worden geregeld. Goede medezeggenschap is volgens hem belangrijk voor het toezicht op het onderwijs. 

    Is de geboden kwaliteit van de opleidingen onvoldoende, dan moeten studenten verhaal kunnen halen, vindt hij. “Dat kan in het uiterste geval betekenen dat je je collegegeld terug moet kunnen krijgen.”

    Westerveld keek ervan op. GroenLinks heeft in oktober een motie ingediend om studenten en docenten meer zeggenschap te geven. Waarom heeft de VVD daar dan tegen gestemd? Wiersma had dat even niet scherp, maar Roelof Bisschop (SGP) zat ook in deze ronde en hij wist dat hijzelf in elk geval had tegengestemd omdat de medezeggenschap effectiever is als studenten zich niet met alles hoeven te bemoeien. Waarom zou je hen bijvoorbeeld laten meebeslissen over het personeelsbeleid?

    Daar was Van den Hul (PvdA) het totaal mee oneens. In recente voorbeelden van grensoverschrijdend gedrag van docenten is de eerste neiging van instellingen om imagoschade te voorkomen, stelde ze. “Studenten moeten daar juist over meepraten, zodat er niets in de doofpot verdwijnt en klachtenprocedures verbeterd worden.”

    Wegsturen
    Ook over het bindend studieadvies botsten de meningen. Het mag geen makkelijk instrument zijn om studenten weg te sturen zonder ze goed te begeleiden, zeiden Bisschop en Westerveld. Daar was Wiersma het mee eens, maar hem lijkt het nóg zinvoller om studenten al vóór de poort te selecteren.

    Dat laatste was natuurlijk tegen het zere been van de linkse partijen. Volgens Westerveld zorgt selectie voor ongelijkheid en is het bekend dat bijvoorbeeld geneeskundestudenten met ouders die zelf arts zijn meer kans hebben om te worden toegelaten. Waarom méér eisen dan alleen een schooldiploma?

    Wiersma’s volgende argument wekte nog meer weerstand: als een opleiding te veel studenten toelaat, loopt de werkdruk zo hoog op dat docenten geen goed onderwijs meer kunnen bieden. “De omgekeerde wereld”, vond Van den Hul. “De werkdruk erbij halen om te zeggen dat selectie nodig is? Zorg dan eerst maar voor voldoende financiering.” En Bisschop constateerde tot zijn eigen schrik dat “deze SGP’er het eens was met deze PvdA’er”.

    Flexibilisering
    In de tweede debatronde was de discussie over de flexibilisering van het hoger onderwijs het spannendst. Oud-LSVb-voorzitter Carline van Breugel, op de lijst voor D66, is daar erg voor. “Je bepaalt je eigen studietempo en als je om wat voor reden ook even niet doorstudeert, hoef je geen collegegeld te betalen.” 

    Frank Futselaar (SP) was sceptisch: “Ik heb de afgelopen jaren veel docenten en studenten gesproken over de staat van hun opleidingen. Daar word je niet vrolijk van. Keuzevakken verdwijnen, groepen worden steeds groter. Mijn prioriteit ligt nu niet bij het flexibeler maken van het onderwijs waar een kleine groep van profiteert. Dat gaat veel geld opslokken dat ik nu veel liever in de kwaliteit van het onderwijs zou steken.”

    Lammert van Raan van de Partij voor de Dieren had in 2013 zelf nog ervaren dat zijn opleiding weinig flexibel was, maar hij erkende dat verbetering veel geld en moeite zou kosten. 

    Sporters
    Het CDA van Harry van der Molen is daarentegen vóór flexiblisering en wil dat betaling per studiepunt mogelijk is. “Maar de uitvoering steekt erg nauw. Ik denk dat veel studenten van overzicht houden en waar je ook niet naartoe wilt is dat je een totale opleiding bij elkaar kunt shoppen door overal een puntje weg te halen. Maar het mag wel iets flexibeler worden voor mantelzorgers, sporters of studenten die naast hun opleiding werken.”

    Van Raan: “Het is wel heel schrijnend als we niet zouden willen flexibiliseren omdat er onvoldoende geld is waardoor de basiskwaliteit niet op orde is.” Dat leek Van Breugel een goed moment om te memoreren dat D66 er tien miljard euro bij wil voor het onderwijs. En ze had het zelf altijd erg jammer gevonden dat ze studievertraging dreigde op te lopen als ze bestuurswerk wilde doen. 

    Maar Futselaar wees op het bestaan van bestuursbeurzen en profileringsfondsen. “Er zit wat mij betreft een grens aan de mate waarin opleidingen zich kunnen aanpassen aan de ambities van studenten. Maar ik laat me graag overtuigen door goed onderzoek.”

    Meer artikelen over

                      

    Deel dit artikel

    Reageer op dit artikel

    * Verplicht veld

    Reacties

    Er zijn nog geen reacties.