Terug naar overzicht

Studenten werken met vluchtelingen in Athene: ‘Hier is geen toekomstperspectief’

Arzu speelt met de kinderen in een van de vluchtelingenkampen

Een week na terugkomst op Nederlandse bodem zijn ze er nog steeds van ondersteboven. Avansstudenten Arzu Çetin, Hussam Alhamid en Robin van de Pol werkten in Athene mee met vrijwilligersorganisaties die vluchtelingen helpen. Wat ze daar aantroffen, valt nauwelijks te beschrijven. “De hele reis zaten we in survivalmodus.”

De studenten Civiele Techniek en Klimaatmanagement vlogen met groepsgenoten naar Athene als onderdeel van hun minor Disruptive Events. Ze verdeelden eten uit de gaarkeukens, hielpen mee in free shops, waar vluchtelingen gratis kunnen winkelen, en vertrokken naar verschillende vluchtelingenkampen om spullen te verdelen.

Beelden uit de kampen en de verhalen van de mensen die ze hebben gesproken, blijven zich in hun hoofd afspelen. In de Griekse stad troffen ze vluchtelingen aan die op straat moeten slapen, in de kampen in en rond Athene zagen ze hoe grote gezinnen zijn gehuisvest in kleine tenten of containers en moeten leven in erbarmelijke omstandigheden. De kampen zijn vol en aan alles is een tekort.

Geen toekomstperspectief
Hussam vindt het niet in woorden over te brengen hoe de omstandigheden in die kampen zijn. “De mensen daar worden gewoon vergeten, hebben geen toekomstperspectief. Het enige woord dat bij me opkomt is ‘oneerlijk’”. Voor de betrokken student was het sowieso een bijzondere reis. Zes jaar geleden kwam hij via dezelfde route naar Nederland op zijn vlucht vanuit Syrië.

Door de ervaring van afgelopen week bekijkt hij zijn situatie vanuit een ander licht: “Wij werden snel geholpen en mochten overal door, omdat ik het ‘geluk’ heb dat ik uit een land kom met een situatie waarvoor de media veel aandacht heeft”, zegt hij. “In Griekenland sprak ik vluchtelingen uit Afghanistan, een zogenaamd ‘veilig’ land. Zij zitten jarenlang in vreselijke vluchtelingenkampen, terwijl de situatie in hun thuisland niet veel verschilt van die in Syrië. Het is gewoon oneerlijk. Ik wil dat iedereen veilig en gelukkig kan leven.”

Hussam kon in het Arabisch praten met de mensen die hij ontmoette

Met zes man op 4 vierkante meter
Arzu leverde met andere vrijwilligers hulpgoederen af bij het Malakasa-kamp. Ze huivert van wat ze daar aantrof. “Het kamp ligt afgelegen van de bewoonde wereld. Er zijn twee grote tenten geplaatst en daarbinnen staan kleine tentjes waar gezinnen van soms wel 5 of 6 mensen op 4 vierkante meter leven. Je kunt er bijna niet lopen, omdat de tenten tegen elkaar aangedrukt staan. Om een klein beetje privacy te krijgen, hangen overal doeken. Die geur die je ruikt als je de tent binnenstapt, vergeet ik nooit meer.”

Van de kaart gehaald
Op Google Maps laat Arzu de plek zien waar het kamp is. De satellietbeelden zijn haarscherp, tot waar ongeveer de grenzen van het kamp moeten zijn. Het enige dat daar nog zichtbaar is, zijn grove pixels. “Het kamp is letterlijk van de kaart gehaald. Alsof die mensen niet bestaan! Er is geld van de Europese Unie binnengekomen, maar van de hulporganisaties hoorde ik dat de Griekse autoriteiten dat gebruikt hebben om een betonnen muur rondom het kamp te bouwen, zodat het kamp op slot kan als er incidenten zijn. Onbegrijpelijk toch?”

Ze legt uit dat haar medestudenten en zijzelf de hele reis in survivalmodus zaten. “Thuis ga je nadenken over wat je hebt gezien. Over de mensen die je hebt gesproken.” Wat rest is boosheid. “Maar op wie? Op de EU? Ik weet het niet. Overal wordt het vluchtelingenprobleem onder het tapijt geveegd, alsof het er niet is. En dat terwijl het alleen maar een groter vraagstuk wordt. Dat frustreert me heel erg.”

Cijfers en pushbacks
Volgens cijfers van de vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties, de United Nations High Commissioner for Refugees (UNHCR) arriveerden dit jaar tot eind november ruim 8.100 vluchtelingen in Griekenland. Een derde hiervan zijn kinderen. Maar dit getal is waarschijnlijk vertekend. Mensenrechtenorganisaties luiden de noodklok en zeggen dat migranten die aankomen in het land terug de grens over worden gezet, de zogenaamde pushbacks. Het terugduwen van migranten is in strijd met Europese rechten en verdragen, omdat ze zo geen kans hebben om asiel aan te vragen. De Griekse ontkent dat het gebeurt.


“Zij blijven hier”
Het zijn misschien wel de kinderen die de grootste indruk achterlieten op de studenten. “Het was surreëel”, zegt Robin. “In het vluchtelingenkamp Eleonas speel je met die kinderen en vergeet je bijna waar je bent. Je hebt plezier met elkaar.” Arzu: “Ze waren 2, 4, 6, 10 jaar oud en woonden al jaren in het kamp. Sommigen zijn daar zelfs geboren. Dat grijpt je aan.” Eén gedachte bleef aan Hussam knagen tijdens het spelen: “Wij gaan straks weg en zij blijven hier.”

Hij herinnert zich hoe aan het einde van de dag een meisje naar hem toe kwam, nog geen 6 jaar oud, ze vroeg: ‘Komen jullie morgen weer meespelen?’ “Dat raakte me diep. Ik moest de andere kant op kijken, zodat ze niet zou zien dat ik huilde. Want hoe graag je het ook wilt, het kan niet. Die kinderen leven met de hoop naar deze kant van de wereld te mogen komen. Ze hebben dromen over een leven in Europa, maar je weet dat dat nooit gaat lukken. Op zo’n moment sta je machteloos tegen een oneerlijke wereld.”

Verloren jaren
In kamp Eleonas verblijven niet alleen veel kinderen, maar ook jongeren die dromen van een beter bestaan in Europa. Veel mensen verblijven al jarenlang in een kamp, weet Arzu. Ze sprak er jongeren van haar eigen leeftijd die al 5 jaar vastzitten in Athene. “Ze zijn 21 of 22 jaar oud en hebben nog zoveel dromen en doelen”, zegt ze. “Maar van hun leven zijn al heel veel jaren verloren en wie weet hoeveel jaar daar nog bijkomt.”

Robin ontmoette in Eleonas een 25-jarige jongen uit Afghanistan. De jongen nodigde Arzu, Robin en nog twee medestudenten uit om bij hem ‘thuis’ te komen eten. Robin: “We stelden voor eten mee te nemen, maar dat wilde hij niet. Ze hebben zo weinig en zijn toch zo gastvrij, dat vond ik heel erg mooi. We zaten met z’n allen in een kleine container, in een donker vluchtelingenkamp, dat voelde eerst best spannend. Maar na een half uur ben je dat vergeten. Het was hartstikke gezellig!”

Robin aan het werk in een freeshop

Persoonlijke verhalen
Robin benadrukt dat hij blij is dat hij voor deze minor heeft gekozen. In Nederland hoorde hij in het nieuws over vluchtelingen. “Je denkt ‘dat is heel ernstig’ en gaat verder waarmee je bezig bent. Nu heb ik iedere dag de persoonlijke verhalen van vluchtelingen gehoord. Dat maakt de noodzaak om mee te gaan denken alleen maar groter.”

Dat veel Nederlanders afgaan op hun persoonlijke ervaringen herkent Hussam wel. “Kennissen zeggen weleens: ‘ik ben het niet eens met vluchtelingen, maar jou mag ik wel!’ Dat komt omdat ze mij persoonlijk kennen. Hun informatie over andere vluchtelingen komt uit de media, maar klopt dat beeld wel? De negativiteit creërt angst en dat is jammer.” Arzu kan dat beamen. “Eerlijk gezegd betrapte ik mezelf er ook op dat ik bang of zenuwachtig was in bepaalde situaties, toen we ’s avonds het kamp in gingen en omringd waren door mannen bijvoorbeeld, maar achteraf merk je dat die zenuwen niet nodig waren. Het heeft mijn beeld van vluchtelingen veranderd. Aanmelden voor deze minor was een hele goede keuze. Ik heb nu een hele andere kijk op de situatie in de wereld. We mogen dit probleem niet onder de mat vegen!”

Minor Disruptive Events
In de minor Disruptive Events leren studenten vanuit hun eigen expertise kijken naar gebeurtenissen die de samenleving ontwrichten. Ook leren ze hoe ze professioneel kunnen handelen in dat soort situaties. Naast migratie komen ook thema’s zoals milieurampen, terroristische aanslagen en klimaatverandering aan bod.  De minor is een samenwerking tussen verschillende opleidingen en werd opgericht in 2015, toen de vluchtelingencrisis in volle hevigheid losbarstte en een complex Europees probleem werd.

Doneer voor vluchtelingen in Calais
Ondertussen bereiden studenten en docenten zich alweer voor op een volgende reis, naar Calais dit keer. Daar leven vluchtelingen op straat of in tentjes, en dat met de winter op komst. Op 16 en 17 en 23 en 24 december zijn studenten en docenten van de minor in de Franse stad aanwezig om vluchtelingenorganisaties te helpen. Op Avanslocaties in Tilburg en Den Bosch zamelen zij spullen in om mee te nemen en af te geven aan lokale hulporganisaties. Op de Instagrampagina van de minor vind je meer informatie. Robin vult aan: “Het is belangrijk dat je alleen doneert wat hulporganisaties vragen. De opslagruimte die er is, is namelijk heel beperkt.”

Wat vind jij ervan?

Reageer

Punt. Of had jij nog wat?

Meer lezen?