Terug naar overzicht

Pabo’s zien ‘opsplitsing’ nog steeds niet zitten

Bij zeven pabo’s kunnen studenten zich specialiseren in het jonge of oudere kind. Maar een echte opsplitsing zien de opleidingen én de studenten niet zitten, blijkt uit een tussenevaluatie van dit experiment.

Sommige opleidingen tot leraar in het basisonderwijs (pabo) experimenteren sinds september 2020 met specialisaties in het jonge en oudere kind. Deze pilots komen voort uit een politieke wens van met name CDA en VVD.

Er is een flink lerarentekort, dus wil de politiek van alles verzinnen om meer jongeren voor de lerarenopleidingen te laten kiezen. Nogal weinig jongens kiezen voor de pabo, zien de partijen. Hebben die jongens misschien geen zin in een stage in de kleuterklas?

Een meerderheid van de Tweede Kamer vond dat je ook een opleiding zou moeten hebben die zich helemaal op het jonge of het oudere kind richt. Vroeger had je immers de opleiding tot kleuterleidster: kan die niet terugkeren? 

Bevoegdheid
Maar dan zouden de afgestudeerden een beperkte bevoegdheid krijgen als ze eenmaal aan het werk gaan. Ze zouden dan minder breed inzetbaar zijn dan hun collega’s van een gewone pabo, die aan groep 1 tot en met 8 kunnen lesgeven.

Die beperkte bevoegdheid zien de pabo’s én de studenten niet zitten. “Zeer weinig betrokkenen bij de pilots zien heil in een splitsing van de pabo-opleiding of een gesplitste bevoegdheid”, staat in de evaluatie. “Bijna iedere pabo zit op de lijn om de specialisaties aan te bieden naast het reguliere curriculum.”

De vorige minister, Ingrid van Engelshoven, had al een wetsvoorstel in de steigers staan om de splitsing van bevoegdheden mogelijk te maken – het stond zelfs al online voor commentaar van geïnteresseerden – maar na de val van het kabinet is het wetsvoorstel op de plank beland.

Beter onderwijs
In een brief over de ‘lerarenstrategie’ van ministers Wiersma en Dijkgraaf staat ook niets over een mogelijke wetswijziging. Naar aanleiding van de pilots gaan de Vereniging Hogescholen en de pabo’s de specialisaties nader uitwerken. Het kabinet verwacht dat hierdoor meer specialisten in het jonge en oudere kind worden opgeleid. “Het onderwijs aan leerlingen wordt hier beter van.” Andere voordelen zouden zijn dat meer mensen zich tot de opleidingen voelen aangetrokken en dat leraren minder snel het onderwijs verlaten dankzij “duidelijkere carrièreperspectieven”.

Nadelen zijn er ook, staat in de evaluatie. Zo dreigt het gevaar dat de specialisatie voor het jonge kind als de makkelijke route wordt gezien. Studenten zouden kunnen denken dat ze minder van rekenen en taal hoeven te weten. Verder blijken studenten die zich specialiseren minder gemotiveerd om iets te leren over de andere leeftijdscategorie, waar ze toch ook iets van moeten weten. Of het omgekeerde: soms komen ze tot de ontdekking dat ze zich liever in die andere leeftijd zouden specialiseren en dan dreigt uitval.

195 studenten
Verspreid over jaar 1 en 2 zitten er 195 studenten in de specialisaties, verspreid over zeven pabo’s. Dat is een kleine groep. In totaal verzorgen vierentwintig hogescholen een opleiding tot leraar in het basisonderwijs. Afgelopen jaar gingen er 5.300 eerstejaars van start.

Wat vind jij ervan?

Reageer

Punt. Of had jij nog wat?

Meer lezen?