Terug naar overzicht

Balkenende ontboden in senaat, ook vanwege onderwijs

Mogen de twee bewindslieden van onderwijs zo openlijk met elkaar in debat gaan, terwijl het kabinet demissionair is? Premier Balkenende moet zich verantwoorden in de senaat.

Nee, vinden de linkse partijen in de Eerste Kamer, minister Van der Hoeven en staatssecretaris Nijs mogen niet zo openlijk met elkaar in discussie gaan. Het kabinet is immers gevallen.
‘Vreemd genoeg komt staatssecretaris Nijs begin volgend jaar ook nog eens met een beleidsvisie namens het kabinet’, zegt Eddy Schuyer, onderwijswoordvoerder van D66 voor de Eerste Kamer, ‘Normaal gesproken laat een demissionair kabinet een testament na voor de formatie van het volgende kabinet. Het maakt niet volkomen nieuw beleid.’
Balkenende heeft de regie in handen. ‘Hij zou dus in de ministerraad moeten zeggen dat zo’n beleidsvisie niet kan’, aldus Schuyer. Dit voorbeeld van het departement van onderwijs is overigens niet het enige dat hij noemt. Schuyer begrijpt ook niet dat het kabinet een dag na de val een heel veiligheidsplan heeft gepresenteerd. Het kabinet veroorlooft zich in zijn ogen te veel bestuurlijke vrijheid.
De senaat heeft een interpellatiedebat aangevraagd. Het is pas de eenentwintigste keer sinds de Tweede Wereldoorlog dat dit gebeurt. Voor de Eerste Kamer geldt zo’n debat als een zwaar middel. Het is aangevraagd door PvdA, Groenlinks en D66. ‘Onafhankelijk van elkaar’, benadrukt Schuyer. Op 26 november is het zover.
Een woordvoerder van het ministerie van onderwijs meent dat de beleidsvisie van Nijs welzeker voor een volgend kabinet is. ‘En de Tweede Kamer is er niet negatief over. Je zou kunnen zeggen: als de beleidsnotitie er niet zou komen, konden ze haar daarop aanspreken.’
Schuyer noemt het overigens ‘absoluut geen normale gang van zaken dat Nijs zo is afgestraft door Van der Hoeven’. Volgens hem komt dat doordat beide bewindslieden nieuw zijn in de politiek. ‘Dat is niet erg, maar het moet niet nog een keer gebeuren.'(BB/HOP)

Meer lezen?