Terug naar overzicht

Henk Hulsen derde bij Nederlands Kampioenschap pijproken

Docent Henk Hulsen is afgelopen zondag derde geworden bij het Nederlands Kampioenschap Pijproken in Rotterdam. Hulsen hield de pijp maar liefst 1 uur 52 minuten en 30 seconden brandend. Dat was meteen een nieuw persoonlijk record voor de docent van Juridische Hogeschool Avans-Fontys.

Wedstrijdpijproken is een bezigheid die door circa honderd mensen in Nederland beoefend wordt. Er is in elke provincie wel een pijprokersgilde. Er zijn ook Wereldkampioenschappen waar zo’n vier tot vijfhonderd deelnemers naar toe komen. Hulsen deed mee aan het Nederlands Kampioenschap (NK) pijproken met de kleipijp (de Gouwenaar).
Het NK werd voor de 32ste keer gehouden, er waren 32 deelnemers. Hulsen legt de spelregels uit: ‘Elke deelnemer krijgt drie gram tabak in een gesloten zakje, een houten stamper en twee lucifers. Je krijgt vijf minuten de tijd om je pijp te stoppen, een belangrijk onderdeel, en bij een belsignaal krijg je een minuut tijd om met maximaal twee lucifers je pijp aan te steken. Daarna begint de wedstrijd. De eerste tien minuten mag er niet gedronken worden, want daarmee kun je vloeistof in de pijp laten lopen waardoor de tabak natter wordt en dus trager brandt. Doe je dat na tien minuten dan straf je jezelf. De bovenkant is tegen die tijd al dicht met as waardoor de vloeistof onderin de kop blijft zitten en het vuur juist eerder uit gaat.’

Voor Hulsen is het hebben van een leuke en gezellige dag het belangrijkst. ‘Iedereen op een NK is goed gehumeurd, heeft zijn gildekleding aan dus met hoed, stropdas, gildeketting en speldje. Het voelt als een reünie. Het wereldje van wedstrijdrokers is vrij klein, zo’n honderd in Nederland. Wereldwijd is het een hechte groep. Er worden dus ook WK’s georganiseerd. Twee jaar geleden ben ik naar het WK in Barcelona geweest en ben daar beste Nederlander geworden. Vorig jaar was ik Brabants Kampioen.’

Toch rookt Hulsen maar af en toe: ‘Alleen als ik tijd en rust heb om hem helemaal leeg te roken. Niet snel dus en ook niet in de auto of op de fiets. Ik rook pas sinds 2000 pijp en geniet van de sfeer eromheen. Nee, ik rook niet over de longen!’
Volgens Hulsen heeft wedstrijdroken met roken niet zo veel te maken omdat het juist de bedoeling is om zo weinig mogelijk aan je pijp te zuigen. Het is vooral pijp kijken.
Rust en concentratie zijn het belangrijkste aldus de docent. ‘Het mooie van pijproken is dat je verandert van een prater in een luisteraar. Een pijp vraagt namelijk om aandacht en onderhoud, anders gaat hij uit. Soms kun je ook te veel luisteren. Andere aanwezigen proberen je soms af te leiden door een gesprek met je aan te gaan. Zo nam ik twee jaar geleden met onze clubvoorzitter deel aan het WK in Sint Niklaas in België. We hadden een beeldschone Vlaamse meid als tijdwaarnemer. De voorzitter zat zo enthousiast met haar te praten dat hij na twee minuten al uit was. Kijk, mooie meiden en wedstrijdroken, dat gaat dus niet samen.’

Het NK leverde Hulsen een beker en een blik tabak op. De winnaar die zijn pijp twee uur brandend hield, kreeg een schitterende nieuwe pijp. (IO/FontysOnline)

Meer lezen?