Terug naar overzicht

‘Docenten moeten theater maken’

Het hoorcollege moet weer in ere worden hersteld. Maar dan moeten de docenten wel alle mogelijk retorische middelen uit de kast halen om hun gehoor te boeien. Dat betoogt Paul van der Heijden, rector magnificus van de Universiteit van Amsterdam, in zijn dies-rede.

Van der Heijden laat veel klinkende namen vallen, zoals Aristoteles, Cicero, Tacitus en Quintilianus. Professoren moeten goed luisteren naar de adviezen van de klassieke retorici, vindt de rector. Ze moeten informeren, vermaken en emotioneren. Een college is een vorm van theater.
Tegenwoordig hoeven de professoren echter niet meer alleen op hun mondelinge vaardigheden te vertrouwen. Ze kunnen ook gebruikmaken van beeld. ‘Cicero zou, had hij nu geleefd, de ideale redenaar opnieuw uitgevonden hebben’, meent Van der Heijden. ‘Het zal een persoon zijn die getrainde welsprekendheid combineert met doeltreffend gekozen, elegant beeldmateriaal. Kortom, theater én beeld.’
De rector wil ‘op weg naar een renaissance van de welsprekendheid’. Natuurlijk moet er aandacht zijn voor de nieuwe onderwijsmethoden, zoals e-learning en projectonderwijs, maar volgens Van der Heijden kan de collegevoordracht de concurrentie met de overige onderwijsmethoden best aan. ‘Maar dat vraagt wel iets van de welsprekendheid van de woordvoerder.’
Daarnaast wil hij het dragen van de toga bevorderen: ‘Wat een prachtig theatraal middel, zo’n toga, we gebruiken hem te weinig.’ (BB/HOP)

Meer lezen?