Queer bij Avans: ‘Ik was zó verliefd!’

    Lilia Visser (19) groeide op in Wageningen en woont nu op kamers in Den Bosch. Ze is tweedejaarsstudent Social Work en maakt zich hard voor lhbti’s. Binnenkort mag Lilia in Brabant zelfs docenten trainen op het gebied van gender en seksuele diversiteit.  

    Hoe kwam je er zelf achter dat je niet alleen op jongens viel?
    “Ik zat in vier havo en was op buitenlandse reis naar Marokko. Terwijl al mijn klasgenoten Marrakesh verkenden, kletste ik uren achter elkaar met een schoolgenootje. Ik kende haar van de voetbalclub, maar pas in Marokko trokken we heel erg naar elkaar toe. Het was echt een slimme en stoere meid. Toen ik vroeg of ze een vriendje had, vertelde ze dat ze op meisjes viel. Ik was op slag verliefd.”

    Hadden jullie meteen verkering?
    “Nee dat niet. Na Marokko hielden we een keertje een Harry Potter-marathon. Vlak voordat ik naar huis fietste gaf ze me een kus. Het regende heel hard, maar dat deerde me niet. Ik fietste met een grote glimlach op mijn gezicht naar huis. Ik was zó verliefd.”

    ‘Aan mijn pa durfde ik het niet te vertellen’

    Deelde je dat gevoel met je ouders?
    “In eerste instantie eigenlijk niet, maar mijn moeder merkte aan me dat ik verliefd was. Toen ben ik bij haar uit de kast gekomen. Ze reageerde super lief, wat ik eigenlijk ook wel had verwacht. Aan mijn pa durfde ik het niet te vertellen. Ik heb met hem nooit hele diepgaande gesprekken, dus ik vond het moeilijk om in te schatten hoe hij zou reageren. Uiteindelijk heeft mijn moeder eerst met hem gepraat. De volgende dag ging ik naast hem zitten op de bank en zei: pap, vind je het écht niet erg? Hij zei: nee, als je maar gelukkig bent. En dat was het, daarna hebben we het er niet meer over gehad.”

    En hoe reageerden klasgenoten?
    “We vonden het allebei heel spannend om uit de kast te komen. We hielden het een maand voor ons. Als tiener wil je vooral normaal gevonden worden. Ik was bang dat mensen het aan me zouden zien. Of dat ze me anders zouden behandelen. Uiteindelijk vielen de reacties heel erg mee.”

    Lees Meer: Queer bij Avans: ‘We zijn ermee opgegroeid dat ‘homo’ een scheldwoord is’

    Hadden jullie lang verkering?
    “Onze relatie duurde ongeveer tweeënhalf jaar. Maar het ging met haar persoonlijk niet zo goed. Dat had zijn weerslag op onze relatie. Het was een lastige periode, maar ik heb er veel van geleerd.”

    Zoals?
    “Dat het best een worsteling kan zijn om jezelf te accepteren als je niet per se tot de status quo behoort. Voor iemand die in het verkeerde lichaam is geboren, kan het leven bijvoorbeeld best zwaar zijn. Ik heb geen problemen met mijn queer-identiteit, maar mensen die nog wel met hun geaardheid of  bijvoorbeeld transitie worstelen, hebben onze steun heel hard nodig. Door de worstelingen van mijn ex zag ik in hoe belangrijk het is om er te zijn voor anderen. Ik geef daarom sinds een jaar voorlichting op basis- en middelbare scholen.”

    Is er een verhaal dat je tijdens een van die voorlichtingen is bijgebleven?
    “Ooit was er een biseksueel meisje op een basisschool. Iedereen in haar klas, inclusief de docent, vond haar te jong om dat te zeggen, terwijl ze er zelf zo zeker van was. Ik zag haar gezicht helemaal oplichten toen ik mijn eigen verhaal vertelde. Op die momenten realiseer ik altijd hoe belangrijk herkenning is voor mensen, vooral als ze nog niet uit de kast zijn. Zelfacceptatie wordt makkelijker als je ziet dat er meer mensen zijn zoals jij.”

    Hoe vind je de emancipatie van lhbti’s in Nederland?
    “Als ik verhalen hoor van collega-vrijwilligers bij COC en hoe het coming-out-proces voor sommigen van hen, twintig jaar geleden was, denk ik: we hebben al zóveel bereikt. Vroeger waren er amper homo’s met wie je je kon identificeren. Nu zijn er veel meer rolmodellen en is de houding minder vijandig. Tegelijkertijd is heteroseksualiteit nog steeds de norm. Het is belangrijk om te blijven investeren in de zichtbaarheid van de lhbti-gemeenschap, omdat het voor sommige mensen nog steeds niet makkelijk is om uit de kast te komen.”

    ‘Mensen moeten niet denken dat alle homo’s elke dag make-up en hakken willen dragen’

    Vind je dat tv-programma’s van nu de emancipatie van de lhbti-gemeenschap bevorderen?
    “Ik vind het mooi dat er zoveel programma’s met een queer-tintje zijn. Maar soms voeden ze wel stereotypes, zoals die van een homoseksuele man. Ik vind RuPaul’s Drag Race bijvoorbeeld een geweldig programma, maar mensen moeten niet denken dat alle homo’s elke dag make-up en hakken willen dragen. Het programma Hij is een Zij van KRO-NCRV vind ik wat representatiever én belangrijk voor de emancipatie van mensen die transgender zijn.”

    Naast je vrijwilligerswerk bij het COC heb je recent nog iets anders moois weten te bereiken?
    “Ik heb een plan ingediend bij gemeente Den Bosch om op elke middelbare school in het zuiden één docent op te leiden zodat hij of zij als lhbti-aanspreekpunt kan fungeren voor scholieren. Ik vind het heel belangrijk dat er op iedere middelbare school iemand is waar jongeren die worstelen met hun identiteit bij terecht kunnen. Iemand die écht verstand van zaken heeft. De gemeente heeft mijn plan al geaccepteerd, dus binnenkort mag ik ermee beginnen.”

    Vragen aan Lilia of wil je zelf ook voorlichter worden bij het COC? Mail naar lf.visser1@student.avans.nl.

    Meer artikelen over

       

    Deel dit artikel

    Reageer op dit artikel

    * Verplicht veld

    Reacties

    Er zijn nog geen reacties.