Skip naar inhoud
Terug naar overzicht

Liefde, vriendschap of een blauwtje: Een (soort van) blauwtje op oudejaarsavond

Benjamin Blokhuis staat op het podium met een microfoon in zijn hand. Hij draagt een bril en spijkeroverhemd.
Benjamin Blokhuis. Foto via: Superformosa

Student Benjamin Blokhuis is op zoek naar gezellige ontmoetingen met medestudenten binnen de hogeschool. Hij gaat hiervoor de Avanssteden af en schrijft over zijn date-avonturen in de rubriek Liefde, vriendschap of een blauwtje. Aflevering 9: Een (soort van) blauwtje op oudejaarsavond.

Het is oudejaarsavond. Met een middelbareschoolvriend heb ik ooit afgesproken om dat ieder jaar samen te vieren. Onze vaste grap is dat we daar beiden ontzettend veel spijt van hebben, maar goed. We hebben het nou eenmaal afgesproken. Dus we gaan. Ik kom bij zijn huis in Utrecht aan. Ik druk op de bel. Hij doet open. We zuchten allebei diep, spreken uit wat een ellende het is dat we elkaar weer zien – hoewel we het stiekem allebei heel gezellig vinden – en ik ga naar binnen.

Benjamin Blokhuis is student Cabaret aan de KoningstheateracademieOp dit moment volgt hij een minor in Nijmegen. Vanuit daar schrijft hij maandelijks deze rubriek.

We eten samen, hij maakt een culinair hoogstandje. Gebakken tofu, een halve gebakken courgette en gekookte zilvervliesrijst. Hij voegt eraan toe: “We doen hier ongelooflijk veel sweet chili over, want dit is natuurlijk hartstikke droog.”

Na het eten en het drinken van wat Belgisch Cara pils, dat echt smaakt naar natte wind (een mooie afsluiter én samenvatting van 2025) gaan we op pad naar een studentencomplex. Daar is namelijk een groot feest met allemaal studenten. De belofte van tevoren was groot: heel veel studenten, heel veel ‘flunkyballen’ en heel veel drank. Dat blijkt alle drie waar. 

Even tussendoor, voor de mensen die denken: huh, flunkyball? Flunkyball is een heel interessant drankspelletje. Vraag me niet hoe het werkt. Ik begrijp het totaal niet. Ik heb veel te vaak verloren en men vond vooral dat ik valsspeelde. Je kunt je afvragen of je wel vals kán spelen als je niet weet hoe het moet, maar dat is een andere vraag waar ik misschien later eens wat dieper in kan duiken. Al denk ik niet dat ik dat ga doen. 

Hoe dan ook, het feest is gezellig. Er zijn veel studenten. Ik ontmoet nieuwe mensen en ik zie weer wat mensen die ik al ken.

Ook ontmoet ik Sophie. Of Sofie. Ik kom haar die avond een paar keer tegen. Later op de avond spreek ik haar aan met Sophia, waarop zij zegt: “Nee, wel echt gewoon Sophie.” Daarna nog eens, als ik haar weer aanspreek met Sophia: “Nog steeds Sophie.” Ik probeer me te redden door te zeggen: “Huh? Maar dan is er iemand anders op dit feest die Sophia heet.” Maar iedereen heeft door dat dit een poging was om mij uit deze sociale situatie te redden, wat meteen mislukte. 

Dan spreek ik Sophie – niet Sophia – nog eens. Deze keer wat langer. En ik zal je zeggen, het is behoorlijk gezellig. Sterker nog, we hebben een heuse klik. We praten behoorlijk lang, waarna zij op een gegeven moment zegt: “Laten we naar mijn kamer gaan om daar verder te kletsen.” We praten over persoonlijke dingen. Ik kan jullie niet te veel details geven over dit gesprek. Deels omdat dat privé is, deels omdat ik zo dronken was dat ik niet meer weet waar dat gesprek over ging. Niet literair om dat te schrijven, maar voor studenten wel herkenbaar waarschijnlijk. 

We praten over echt persoonlijke dingen. Dan blijkt er ineens een jongen in haar bed te liggen, die af en toe ook een woordje roept. Heel raar is dat. Maar het mag de pret niet drukken. Wij zitten vlak bij elkaar en we hebben een klik. 

Dan herinner ik me alleen nog wat flarden. Het is echt erg. Alcohol is een vreselijke drug. Begin er niet aan, blijf ervan af.

De volgende ochtend word ik wakker en ik voel me niet goed. Dat geef ik eerlijk toe. Die vriend van mij voelt zich ook niet goed. Ik vraag hem hoeveel we hebben gedronken. In mijn herinnering viel het wel mee. Hij onderschrijft dat, maar voegt eraan toe: “Hoeveel we precies hebben gedronken, zullen we nooit meer kunnen achterhalen.” De fles wodka waar we uit hebben gedronken heeft hij wel mee teruggenomen in zijn rugzak, alleen zonder dop. Dus dat die fles leeg is, kan komen door ons, of door het ontbreken van de dop. Nogmaals: alcohol is vreselijk, begin er niet aan. 

De volgende dag ga ik weer naar Den Bosch. Ik spreek met een vriendin af. We bespreken de afgelopen avond. Dan gebeurt er iets raars. Ik vertel over Sophie. Zij vraagt: “En, hebben jullie gezoend?” En ik zeg: “Wat?” Waarop zij antwoordt: “Jullie waren in haar kamer. Jullie hadden een klik en een intiem gesprek. Dan ga je toch ook zoenen!” En ik zeg: “Uhh”, waarop zij reageert: “Vond je haar aantrekkelijk?” Ik reageer: “Joh, dat weet ik eigenlijk niet. Ik heb er niet echt over nagedacht.” Ik haal Sophie weer omhoog in gedachten en zeg: “Ja, volgens mij was ze wel aantrekkelijk. Nee, ja, ze was aantrekkelijk.” Er valt een korte stilte die wordt gevolgd door een soort brul van haar: “Maar waarom heb je dan niet gezoend?!”

Dat is de vraag die mij sindsdien elke nacht wakker houdt. Waarom kwam het niet eens in me op? Ik vond haar aantrekkelijk en we hadden een klik. Oké, er lag een jongen in haar bed, niet chic, maar ook niet haar vriend, geloof ik. Dus waarom hebben we niet gezoend?

Waarom hebben we in hemelsnaam niet gezoend?!

Punt. Of had jij nog wat?

Meer lezen?