Skip naar inhoud
Terug naar overzicht

Analyse: onderwijs en onderzoek niet echt prioriteit voor nieuw kabinet

Illustratie: Julika Runow

In de politiek moet je compromissen sluiten, dat snapt iedereen. Maar als D66 het kabinet gaat leiden, dan zou je toch méér geld voor onderwijs en onderzoek verwachten?

Als het kabinet-Schoof in 2025 valt, starten de democraten een optimistische verkiezingscampagne: het kan wél, is de slogan. Extra geld voor onderwijs en onderzoek hoort daarbij. D66 noemt zichzelf graag de onderwijspartij.

Van basisschool tot universiteit, in de volle breedte moet er een ruimer budget komen. D66 wil graag 5,1 miljard euro extra uittrekken, blijkt vlak voor de verkiezingen uit de doorrekening van het Centraal Planbureau. Dat is het hoogste bedrag van alle partijen die meedoen.

Winnaar
Nog geen drie weken later komt D66 als winnaar uit de bus. Het onderwijs kan de champagne ontkurken, zou je denken. De bezuinigingen van het vorige kabinet zullen teruggedraaid worden, nu D66-leider Rob Jetten premier gaat worden. De vraag is vooral: hoeveel geld komt erbovenop?

NS-baas en D66-prominent Wouter Koolmees gaat als verkenner aan de slag. Op 11 november adviseert hij dat D66 en CDA door moeten praten. Ze moeten het eens worden op onderwerpen als wonen, migratie en defensie.

Hoeft het dan niet over onderwijs en onderzoek te gaan? Koolmees noemt het speerpunt van zijn partij hooguit indirect. D66 en CDA moeten samen nadenken over “het creëren van ruimte voor economische groei en verbetering van het investerings- en vestigingsklimaat”.

Fors investeren
Onder begeleiding van CDA-prominent Sybrand Buma schrijven de twee partijen een gezamenlijke agenda. Ze willen “fors investeren” in kennis, innovatie en onderzoek, staat erin. Maar wat is fors?

Ze moeten dan nog onderhandelen met bezuinigingspartij VVD, die juist extra diep in onderwijs en onderzoek wil snijden. Dieper dan het kabinet-Schoof al deed: nog eens 1,5 miljard moet eraf, blijkt uit de CPB-doorrekening van het liberale verkiezingsprogramma.

Je zou denken: nou en? VVD’ers snappen ook wel dat je compromissen moet sluiten. Bovendien zegt het bedrijfsleven (de natuurlijke achterban van de VVD) steevast dat er meer geld naar onderwijs en onderzoek moet.

Eigenlijk karig
En toch is het dus niet echt gelukt. De bezuinigingen worden teruggedraaid, maar daar blijft het bij. Het is eigenlijk karig, voor een kabinet met een D66-premier.

Jetten vindt het glas kennelijk half vol. “Ik ben er persoonlijk trots op dat we de bezuinigingen op onderwijs volledig terugdraaien”, zei hij vrijdagmiddag bij de presentatie van het coalitieakkoord.

Toch kun je maar één conclusie trekken als je de plannen van de nieuwe coalitie leest. Het onderwijs heeft weinig prioriteit gekregen. Het is ondergesneeuwd. Het geld gaat vooral naar defensie, wonen en stikstof.

Verdediging
Ter verdediging kun je zeggen: de bezuinigingen slaan ergens anders neer. Vooral in de zorg en sociale zekerheid. Gezien de wooncrisis en de geopolitieke onrust was dat misschien het hoogst haalbare.

Verder kan D66 op het defensiebudget wijzen: een flink deel daarvan moet immers naar innovatie gaan en daar kunnen universiteiten en hogescholen van profiteren. Er is geld genoeg voor onderzoek naar drones, raketten en militaire toepassingen van AI.

Je zou zelfs kunnen zeggen: dit is maar een openingsbod van de minderheidscoalitie. Oppositiepartijen GroenLinks-PvdA en JA21 wilden meer geld voor onderwijs en onderzoek uittrekken dan nu gebeurt. Misschien is er nog wat onderhandelingsruimte.

Opluchting
Nu heeft D66 de sympathie van velen in het onderwijs. De opluchting is groot dat het afbraakbeleid van het kabinet-Schoof ongedaan wordt gemaakt – in elk geval financieel gesproken. Actiegroepen, belangenorganisaties, werkgevers… in hun eerste reacties klinken ze tevreden.

Maar voor hoelang? Straks moet die 1,5 miljard euro verdeeld worden: alleen al in het hoger onderwijs moet er in ieder geval geld naar de basisbeurs, het mentaal welzijn van studenten, internationaal talent en naar praktijkgericht onderzoek. Je zult zien dat de onenigheid dan al snel losbarst. Bovendien kun je de ethische bezwaren tegen militair onderzoek zien aankomen.

Dus dit valt wel te voorspellen: de eerste welwillende reacties zullen verstommen. Zelfs een kabinet met een D66-premier gaat kritiek krijgen op het onderwijsbeleid.

Punt. Of had jij nog wat?

Meer lezen?