Skip naar inhoud
Terug naar overzicht

Akkoord: bezuinigingen op onderwijs geschrapt, verder nauwelijks extra geld

D66-leider Rob Jetten voor een scherm waarop landschappen te zien zijn bij de presentatie van het coalitieakkoord.
D66-leider Rob Jetten bij de presentatie van het coalitieakkoord.

Het minderheidskabinet van D66, CDA en VVD wil de bezuinigingen op onderwijs terugdraaien en trekt daar 1,5 miljard euro voor uit. Grote investeringen in de wetenschap komen er niet, behalve misschien via Defensie.

“Ik ben er persoonlijk trots op dat we de bezuinigingen op onderwijs volledig terugdraaien”, zei D66-leider Rob Jetten vrijdagmiddag bij de presentatie van het coalitieakkoord ‘Aan de slag – bouwen aan een beter Nederland’.

De drie partijen reserveren 1,5 miljard euro extra voor het onderwijs en onderzoek. Met dat geld moet veel gebeuren. Het wordt onder meer besteed aan het mbo, de onderwijskwaliteit, de strijd tegen het lerarentekort en versterking van de Onderwijsinspectie. En dan ook nog aan “investeringen in onderzoek en wetenschap en aan de koopkracht van studenten”.

Eigenlijk wilde onderwijspartij D66 enkele miljarden euro’s méér aan onderwijs en onderzoek uitgeven. Dat is dus niet uit de onderhandelingen gekomen. CDA en VVD zagen het kennelijk niet zitten.

Studenten
Veel is nog onduidelijk in het akkoord. Neem de koopkracht van studenten: er staat dat de basisbeurs voor uitwonende studenten omhooggaat, maar niet hoe hoog die beurs dan wordt.

De drie partijen willen ook een verplichte stagevergoeding invoeren, met eventueel een stagefonds voor tekortsectoren (voor bedrijven die krap bij kas zitten). Maar niemand weet nog wat die vergoeding dan wordt.

Verder willen ze de rente op studieschulden maximeren tot 2,5 procent, zodat studieschulden in de toekomst niet ongebreideld kunnen stijgen. Aflossen moet makkelijker via de werkgever gaan, zodat oud-studenten sneller van hun schuld af zijn.

Hiernaast willen de partijen “investeren in het mentaal welzijn en de weerbaarheid van studenten”, zeggen ze, maar ook dit is nog niet concreet gemaakt. “Onderwijsinstellingen krijgen ruimte om goede ondersteuning te bieden en studentpsychologen in te zetten”, aldus het akkoord. En ook: “Initiatieven van studenten en jongeren zelf worden actief gestimuleerd.”

Internationalisering
Verder zijn de partijen het eens geworden over internationale studenten en wetenschappers. Ze halen graag “het wetenschappelijk toptalent in huis, dat nodig is voor baanbrekend onderzoek en innovaties”.

Ook willen ze met internationalisering zorgen voor vakmensen “in de sectoren waar de uitdagingen het grootst zijn”. Denk aan ict en techniek, maar misschien ook de zorg. En er zijn nog wel meer tekorten op de arbeidsmarkt.

Dus is Engelstalig onderwijs voor de coalitiepartijen geen probleem meer. Ze houden het huidige anderstalige aanbod in stand, spreken ze af. Ze schrappen zelfs de aangekondigde toets voor nieuwe ‘anderstalige’ opleidingen.

Maar hoe willen ze dan grip houden op de komst van internationale studenten? Daartoe gaan ze met de universiteiten en hogescholen “bindende bestuurlijke afspraken” maken.

Daarbij weegt het belang van de regio zwaar mee. “Hogescholen en universiteiten hebben internationaal talent nodig om bedrijfs- en kennisclusters in de regio te behouden”, stellen de drie partijen. “Daar geven we ze ruimte voor.” Ze noemen Brainport Eindhoven, Wageningen Foodvalley en Noviotechcampus in Nijmegen als voorbeelden.

Overigens wil het kabinet de bekostiging van mbo en hbo stabiel en voorspelbaar maken. “Instellingen worden minder kwetsbaar en minder afhankelijk van fluctuaties in (internationale) studenteninstroom”, staat er. Voor universiteiten geldt dit kennelijk niet.

Landelijke toetsing lerarenopleidingen
Er komt “één stevig fundament” voor de lerarenopleiding, schrijven de partijen. “Leraren en wetenschappers stellen samen landelijk de kern van het curriculum vast, met meer aandacht voor basisvaardigheden zoals lezen, schrijven en rekenen.”

Bovendien krijgen de lerarenopleidingen in principe dezelfde tentamens. “Voor lerarenopleidingen gaat landelijk dezelfde toetsing gelden, zodat iedere startende leraar beschikt over dezelfde stevige basis.”

Leven lang ontwikkelen
Leven lang ontwikkelen (LLO) staat ook in het akkoord. Dat is scholing van werkenden, die ofwel moeten overstappen naar een andere sector ofwel de ontwikkelingen in hun eigen vak moeten bijhouden.

Daarvoor komt “structureel geld” beschikbaar: 100 miljoen euro. De LLO-maatregelen moeten nog uitgewerkt worden, maar met name de hogescholen – die het aantal studenten zien afnemen – lobbyen al jaren voor een grotere rol bij LLO.

Defensie
De uitgaven aan onderwijs vallen haast in het niet bij de uitgaven aan defensie. Daar kunnen hogescholen en universiteiten ook van profiteren. De partijen willen graag dat overheid, bedrijfsleven en kennisinstellingen samenwerken. “Om onze technologische voorsprong te borgen, zet het kabinet in op de oprichting van een defensie-innovatieautoriteit”, staat in het akkoord. “Deze autoriteit doet ook medefinanciering van gezamenlijke onderzoeksprojecten met kennisinstellingen die voor Defensie van toegevoegde militaire waarde zijn.”

Daar gaat een “tot 10 procent oplopend aandeel van het defensiebudget” naartoe. Dat zou dus een slordige twee miljard euro kunnen zijn.

Bezuinigingen
Uiteindelijk moeten burgers en bedrijven een “vrijheidsbijdrage” van vijf miljard euro betalen. Linksom of rechtsom moet iedereen dus in de buidel tasten. Het kabinet wil ook zes miljard euro bezuinigen op het eigen risico in de zorg en de werkloosheidsuitkering van maximaal twee naar één jaar verkorten. Mensen moeten bovendien vanaf 2033 langer doorwerken voor ze AOW krijgen.

Niet in beton gegoten
D66, CDA en VVD hebben samen 66 zetels in de Tweede Kamer, tien te weinig voor een meerderheid. Voor al hun plannen moeten ze dus steun zoeken bij de oppositie. Het coalitieakkoord is niet in beton gegoten. Op sommige gebieden kan het kabinet misschien samenwerken met GroenLinks-PvdA, terwijl andere onderwerpen met rechtse partijen als JA21 en SGP worden afgestemd, die samen genoeg zetels hebben om het kabinet aan een meerderheid te helpen.

De coalitieonderhandelingen stonden afgelopen weken onder leiding van informateur Rianne Letschert, in het dagelijks leven collegevoorzitter van de Universiteit Maastricht. De kans is aanwezig dat zij straks naar Den Haag vertrekt.

Letschert hoopt dat de toekomstige bewindslieden brede steun in de samenleving gaan zoeken voor hun plannen, zei ze bij de overhandiging van haar eindverslag aan de Tweede Kamer. Het zal veel vergen, denkt ze. “Ik raad ze aan een goed koffiezetapparaat te kopen.”

De Tweede Kamer gaat volgende week in debat over haar eindverslag en het akkoord. Jetten wordt dan aangewezen als formateur en kan het nieuwe kabinet gaan samenstellen, waarin hij zelf minister-president wordt.

Informateur Rianne Letschert voor een blauwe muur en achter een microfoon bij de presentatie van haar eindverslag.
Informateur Rianne Letschert bij de presentatie van haar eindverslag.

Punt. Of had jij nog wat?

Meer lezen?