Skip naar inhoud
Terug naar overzicht

AMR-leden uiten zorgen over fysieke aanwezigheid Defensie op Avans en onafhankelijkheid van onderzoek

Een grote, olijfgroene legertent staat op een grasveld voor een gebouw van Avans Hogeschool met een glazen gevel en verticale lamellen. Rechts op de achtergrond staan drie personen bij een kleine partytent met de tekst "Samen Richting Kracht".
Defensie was zichtbaar aanwezig op Avans op 24 september 2026

Een aantal leden van de Avans Medezeggenschapsraad (AMR) maakt zich zorgen over de zichtbare aanwezigheid van Defensie op Avans. Ze hebben er moeite mee dat militairen in uniform lopen op Avansterrein en hebben vragen over de onafhankelijkheid van de hogeschool in het doen van onderzoek. Ook zou Defensie in het voorjaar actief studenten hebben geworven. Volgens het college van bestuur gebeurt dat niet.

Ton Hermans, medewerkerslid van de AMR, zette het onderwerp mede op de agenda van de raad. “Ik heb er moeite mee dat er altijd militairen met kistjes en in militaire kleding op Avans zijn. Het is soms net alsof je in de kantine op de Hogeschoollaan in de kazerne zit”, vertelde hij tijdens de AMR-vergadering van 15 september.

Hij denkt dat studenten en medewerkers zich niet meer thuis voelen bij Avans door de zichtbare aanwezigheid van Defensie, maar heeft dat niet rechtstreeks van hen gehoord. “Terwijl Avans een plek moet zijn voor iedereen. De hogeschool neemt weinig stelling tegen zaken in de wereld, maar door Defensie toe te laten op de campussen doen we dat wel.”

‘Intimiderend’
Hermans is niet de enige met zorgen over de zichtbaarheid van Defensie-medewerkers op Avans. Medewerkerslid Mustapha Aoulad Hadj deelt zijn zorg. “Ik vind het nogal wat: militairen op school. Waarom moet dat? Een schoolgebouw hoort een veilige en neutrale leeromgeving te zijn. De fysieke zichtbaarheid van militairen kan door sommige studenten en medewerkers worden ervaren als intimiderend of onveilig. Wapens op een onderwijslocatie kunnen bijdragen aan de normalisering van geweld als instrument voor conflictbeheersing. Daardoor komt de openheid van de leeromgeving onder druk te staan”, meent hij.
 
Aoulad Hadj wijst ook op studenten met een vluchtelingachtergrond op Avans, die mogelijk trauma’s met veiligheidsdiensten hebben. “Een inclusieve leeromgeving vraagt om aandacht voor deze groep studenten.”

Werving 
Volgens Hermans heeft Defensie in het voorjaar actief studenten geworven op Avansterrein. Wanneer precies, weet hij niet meer. Dat is volgens meerdere AMR-leden niet de bedoeling. “Daar is een hogeschool niet de plek voor”, klonk het in de vergadering. 

Zichtbare aanwezigheid 
De samenwerking van Avans met Defensie staat overigens niet ter discussie. Dat de twee samen optrekken in tijden van geopolitieke onrust, begrijpen de AMR-leden. “Het gaat mij meer om wervingsactiviteiten en het verhuren van ruimtes in Breda en Tilburg”, aldus Hermans. Aoulad Hadj: “Ik heb moeite met de vorm.”

Samenwerking Avans met Defensie 
Het Centre of Expertise Veiligheid en Veerkracht van Avans en Defensie werken samen aan onderzoeksprojecten. Ook ondersteunt Avans Defensie bij Leven Lang Ontwikkelen-trajecten. Studenten kunnen de minor Internationale Conflicten en Nationale Veiligheid volgen. Daarin hebben studenten de mogelijkheid om reservist te worden, door het volgen van de Nationale Weerbaarheidstraining. Ook Avansmedewerkers kunnen zich aanmelden om reservist te worden. 
Op dit moment verhuurt Avans twee verdiepingen in het Quadrium-gebouw in Breda aan de Nederlandse Defensie Academie, het opleidingsinstituut van de krijgsmacht. Defensie-personeel is daar aanwezig in uniform. In Tilburg zit het TalenCentrum van Defensie in een ruimte op de begane grond. 

Volgens Hermans stond er eens een militair voertuig op het campusplein in Breda, een tent waar studenten een geweer konden vasthouden en richten en stond er in het voorjaar een bus van Defensie op de parkeerplaats. “Ik zou me kunnen voorstellen dat dat bij een bedrijvendag gebeurt, maar dat was toen niet het geval”, zegt hij.

In de raad werd ook de samenwerking met andere externe partners benoemd. Aoulad Hadj: “Die zitten niet in de gebouwen van Avans”, zegt hij. Ook werd de vraag gesteld waarom Defensie anders behandeld zou worden dan andere partijen. 
 
Onafhankelijkheid 
De zorg over de onafhankelijkheid van Avans werd ook aangehaald. Sommige leden hebben de vrees dat samenwerking met Defensie op onderzoeksvlak ervoor kan zorgen dat onderzoek niet meer openbaar wordt gedaan, maar vertrouwelijk omdat het over gevoelige thema’s kan gaan. Dat vinden ze niet de bedoeling.

“Samenwerking met Defensie kan vragen oproepen over de onafhankelijkheid van onderzoek, onderwijs en kennisontwikkeling. Ik vind dat Avans voldoende afstand moet bewaren tot organisaties die geweld als wettelijk middel mogen inzetten”, zegt Aoulad Hadj.
 
Volgens Avans komt de onafhankelijkheid van de hogeschool niet in het geding. Vorig jaar communiceerde Marjan Hammersma namens het college van bestuur dat het belangrijk is dat Avans onderzoek kan doen dat niet beïnvloed wordt door belangen.”Daarnaast moet er binnen onze organisatie altijd ruimte zijn voor gesprek en voor de keuze van individuele medewerkers om geen deel uit te maken van zo’n samenwerking”, klonk het toen op SharePoint.  
 
Veiligheid 
Studentlid Melvin van der Looij wees op het onderdeel veiligheid. Hij haalde daarbij een recent rapport van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid aan. Daarin staat dat Defensielocaties door sommige rechts-terroristen worden gezien als mogelijke doelwitten voor aanslagen, hoewel die dreiging in Nederland laag zou zijn. “Maar we kunnen een mogelijk doelwit zijn als Avans. In welke mate houdt het college van bestuur rekening met de veiligheid van studenten?”, vroeg hij zich af. “Het is op Avans relatief makkelijk om de gebouwen binnen te komen.”
 
Gesprek aangaan 
Een concreet plan voor wat er met de zichtbare aanwezigheid en samenwerking met Defensie op de hogeschool moet gebeuren, heeft de AMR nog niet. “Maar een belangrijke vraag voor de raad is: in hoeverre zijn studenten en medewerkers voldoende betrokken bij deze keuze? Zelfs als men niet tegen een samenwerking is, kan men vinden dat een besluit met dergelijke (symbolische) impact eerst breed besproken moet worden binnen de medezeggenschap”, zegt Aoulad Hadj. Binnenkort vindt er een gesprek plaats tussen het college van bestuur en de AMR over het onderwerp.

Reactie Avans
Punt stelde het college van bestuur (cvb) van Avans zelf ook een aantal vragen over dit onderwerp.

Het cvb laat weten dat het de geuite zorgen van de AMR serieus neemt. Het begrijpt dat de zichtbaarheid van Defensie op Avansterrein en in het bijzonder de aanwezigheid van militairen in uniform, verschillende reacties kan oproepen bij studenten en medewerkers. “Zeker in een tijd waarin veiligheid, oorlog en de rol van Defensie nadrukkelijk in de samenleving en het publieke debat aanwezig zijn.”

Voorafgaand aan de komst van de Nederlandse Defensie Academie naar de Hogeschoollaan, heeft Avans “breed gecommuniceerd over de samenwerking en over wat studenten en medewerkers hiervan konden verwachten.” Daarbij is ook de mogelijke aanwezigheid van militairen, al dan niet in uniform, op de campus benoemd. Het cvb geeft aan dat er geen signalen zijn binnengekomen die wijzen op brede zorgen of problemen rond de fysieke aanwezigheid van Defensie. “Dat neemt niet weg dat de nu geuite zorgen voor ons aanleiding zijn om hier opnieuw aandacht voor te hebben en goed te blijven luisteren naar studenten en medewerkers”, aldus het cvb.

‘Geen werving’
Het cvb stelt dat Defensie niet actief werft op Avans, buiten bedrijvendagen. Dit is geen onderdeel van de samenwerking. Defensie kan wel zichtbaar zijn bij onderwijsactiviteiten, net als andere organisaties waar de hogeschool mee samenwerkt. “We vinden het daarbij belangrijk dat studenten zelf hun afweging kunnen maken en dat Avans de regie houdt over de inhoud en vorm van het onderwijs.”

Er zijn geen afspraken gemaakt tussen Avans en de Nederlandse Defensie Academie over het dragen van uniformen op de hogeschool. Die keuze ligt bij de individuele militair en wordt bepaald door de regels en voorschriften van Defensie. Het cvb zegt dat er op Avans-terrein geen wapens gedragen worden.

Onafhankelijkheid
In de AMR-vergadering ging het ook over de zorgen rondom de onafhankelijkheid van het onderzoek dat Avans doet. Het cvb vertelt dat samenwerking met externe organisaties, waaronder Defensie, geen afbreuk mag doen aan het uitgangspunt dat onderwijs en onderzoek onafhankelijk gebeurt. “Avans bepaalt zelf de inhoud, kwaliteit en inrichting van het onderwijs en samenwerking met Defensie verandert daar niets aan”, aldus het cvb. “Ook bij onderzoek blijft Avans verantwoordelijk voor de wetenschappelijke kwaliteit, onafhankelijkheid en ethische afwegingen.” De hogeschool verzekert dat de regie en verantwoordelijkheid bij Avans liggen.

‘Geen veiligheidsrisico’s’
Studentlid Melvin van der Looij uit de AMR uitte een zorg op het gebied van de veiligheid in Avansgebouwen. Dat de aanwezigheid van Defensie vragen kan oproepen over veiligheid, begrijpt Avans. Het cvb monitort de veiligheidssituatie en heeft, waar nodig, contact heeft met relevante veiligheidspartners. Er zijn geen signalen dat er risico’s zouden zijn.

Zorgen bespreken
Als er medewerkers zijn die zorgen hebben over de aanwezigheid van of samenwerking met Defensie, kunnen zij dat in eerste instantie bespreken met hun directie. Die kan vragen, waar nodig, doorzetten naar de voorzitter van de taskforce Defensie. Het cvb laat weten dat er ook al ruimte geboden is om vragen te stellen over de samenwerking. “We vinden het belangrijk dat medewerkers en studenten hun vragen en zorgen kunnen uitspreken en dat we daarover met elkaar in gesprek blijven.”





 

Punt. Of had jij nog wat?

Meer lezen?