Skip naar inhoud
Terug naar overzicht

Column: Sneeuwbalevaluatie

Foto: Ilse Wolf

Met vijftien propjes papier liep ik over de gang. Het was mijn oogst van een sneeuwbalevaluatie tijdens de workshop ‘Schrijf je hoofd leeg’ die ik gaf voor de keuzemodule ‘Veerkracht in actie’. 

We waren begonnen met freewriten, vijf minuten schrijven over alles wat er in je opkomt. Er was maar één regel: je pen mag niet van het papier. Daarna volgde een muziekmeditatie met schrijven. We sloten af met een wandeling en schrijven.

Na afloop schreven de studenten in één woord op wat ze van de workshop vonden en gooiden ze hun sneeuwballen naar mij.

In een afgezonderd lokaal vouwde ik de opgefrommelde papiertjes één voor één open. ‘Rustgevend’, ‘ontspannend’ en ‘betekenisvol’ waren woorden die ik las.

Yes, dat was mijn doel: studenten laten ervaren hoe fijn het is om te schrijven, om even met niets anders bezig te zijn dan je pen die over het papier beweegt en verrast te worden door de woorden die in je zitten.

Een student schreef dat hij voor het eerst sinds jaren een songtekst had geschreven en dat hij het ‘leuker dan verwacht’ vond. Dat hij zich niet aan de opdracht van één woord had gehouden, vond ik natuurlijk geen probleem.

Op de volgende twee propjes stond ‘onzin’ en ‘niet mijn ding’.

Hmm… dit kwam vast van die twee meiden die onderuitgezakt op hun stoel zaten. Die twee die met hun ogen rolden toen ik zei dat we naar buiten gingen voor een korte stiltewandeling – zonder telefoon! – om daarna te schrijven over de vraag ‘wat is mijn droom voor de toekomst?’

Tsja, ‘onzin’, ‘niet mijn ding’… Ik haalde mijn schouders op; die twee waren duidelijk niet mijn doelgroep.

Maar wat als mijn sneeuwbalmethode een officiële ondewijsevaluatie was geweest? Had ik dan deze sneeuwballen naast me neer kunnen leggen tot ze gesmolten waren?

Een aantal jaar geleden was ik kwaliteitscoördinator bij de opleiding Communicatie. Ik vond het een lastige rol, want wat is in godsnaam kwaliteit? Hoe meet je dat? En wie bepaalt wat goed is?

Natuurlijk deden we ieder blok braaf de studentevaluaties. Daarbij ging het opvallend vaak over roostering en of een docent wel of niet kon lesgeven. We stelden verbeterplannen op, de directie las mee. Ik hoopte altijd maar dat studenten mild over me waren.

Steeds vaker vroeg ik me af: zijn studenten de juiste ‘recensenten’ van ons werk?

Hoe studenten iets beoordelen hangt af van zoveel factoren: welke cijfers ze halen, of ze goed geslapen hebben. De groepsdruk speelt ook mee, natuurlijk. En weten studenten überhaupt wat goed voor ze is?

Toen ik afgestudeerd was dacht ik ook dat ik niets geleerd had. Die mening had ik destijds ongetwijfeld als ijsbal naar mijn docenten Journalistiek gegooid. Maar nu, zoveel jaren later, weet ik dat ik dankzij die opleiding heb leren schrijven.

Ach, wie weet denken die twee over een paar jaar: dat mens had gelijk. Er zit toch wel wat in, schrijven om je hoofd leeg te maken.

Zo niet, dan waren ze gewoon niet mijn doelgroep. Blij dat het geen officiële evaluatie was.

Punt. Of had jij nog wat?

Meer lezen?